De Kesel is een bisschop, ik vooralsnog niet

Etienne Vermeersch - Opinie

Ik verdedig geen ‘absolute vrijheid van meningsuiting’: ik sluit me ten volle aan bij de beperkingen die traditioneel in België gangbaar waren. Racistische en negationistische uitspraken vormen echter een heel apart geval. Mein Kampf, zopas opnieuw uitgegeven, bevat zowat het summum van racistische uitspraken. Redelijke mensen vinden het echter beter deze teksten opnieuw bekend te maken, zodat men ze ook terdege kan weerleggen, eerder dan ze ongemoeid verder te laten woekeren. Hetzelfde geldt uiteraard voor negationisme.  Etienne Vermeersch

 

Zowel hijzelf (over negationisme) als Jozef De Kesel (over euthanasie) heeft een uitspraak gedaan waarmee juridisch geen enkel probleem is, zet Etienne Vermeersch de puntjes op de i. Wel is er dit verschil: De Kesel heeft institutioneel gezag, wat zijn uitspraken minder vrijblijvend maakt.

Wie? Hoogleraar emeritus. 

Wat? De kwestie-De Kesel heeft niet zozeer te maken met vrije meningsuiting, het probleem is vooral dat hij een beslissing van een ziekenhuisbestuur tussen de arts-patiëntrelatie probeert te wrikken.

 

Mark Van de Voorde heeft mijn uitspraken niet begrepen, zo blijkt uit zijn opiniestuk ‘Waarom mag Vermeersch wat De Kesel niet mag’ (DS 9 januari)

Ik zal het eens simpel uitleggen. 

In België is een meningsuiting traditioneel alleen strafbaar als er laster of eerroof mee gemoeid is of een directe aansporing tot strafbare feiten. Later is daar (onder meer) het verbod van racistische, xenofobe en negationistische uitspraken bijgekomen. De vraag of de geuite meningen onwaar, verfoeilijk of immoreel zijn, doet in deze context niet ter zake. Meningsvrijheid geldt volgens het Europees Hof immers ook voor uitingen ‘die beledigen, schokken of de Staat of een deel van de gemeenschap in verwarring brengen’.

Zowel mijn uitspraak inzake negationisme als die van aartsbisschop De Kesel over euthanasie hebben aanleiding gegeven tot ophef in de sociale en andere media. Niemand heeft echter geopperd dat ze juridische gevolgen konden hebben. Het artikel van Van de Voorde is dus zonder voorwerp: De Kesel mag exact wat Vermeersch mag, en omgekeerd. 

De ‘zonde’ van een Volksunie-stem

Toch is er, moreel gezien dan, een verschil. Ikzelf heb geen enkel institutioneel bekrachtigd gezag. De Kesel heeft als bisschop gezag over zijn priesters: zij leggen bij de wijding de belofte af van ‘eerbied en gehoorzaamheid’; als lid van een ziekenhuisbestuur zouden ze zich door zijn stellingname gebonden kunnen achten. 

Misschien kunnen zelfs gelovigen zich nog door bisschoppelijke uitspraken laten misleiden. Toen bisschop Emiel Jozef De Smedt in 1958 in een ‘herderlijke’ brief betoogde dat stemmen voor de Volksunie een zware zonde was, bracht hij veel mensen in gewetensnood. De tijden zijn veranderd, maar misschien blijft er van die mentaliteit nog iets hangen. 

Van de Voorde zelf lijkt in verband met mijn uitspraak wel een juridisch aspect te suggereren: ‘Een mening die wel strafbaar is.’ Dat is een nogal pijnlijke uitschuiver: een uitspraak over negationistische uitspraken is immers zelf geen negationistische uitspraak. Althans in mijn universiteit leert men het onderscheid tussen taal en metataal, uitspraak en meta-uitspraak. Ik verdedig geen ‘absolute vrijheid van meningsuiting’: ik sluit me ten volle aan bij de beperkingen die traditioneel in België gangbaar waren. Racistische en negationistische uitspraken vormen echter een heel apart geval. Mein Kampf, zopas opnieuw uitgegeven, bevat zowat het summum van racistische uitspraken. Redelijke mensen vinden het echter beter deze teksten opnieuw bekend te maken, zodat men ze ook terdege kan weerleggen, eerder dan ze ongemoeid verder te laten woekeren. Hetzelfde geldt uiteraard voor negationisme. 

Misschien kan ik de diepe fundering van onze opinievrijheid als volgt duidelijk maken. De Bijbel en de Koran worden beschouwd als geopenbaard door een oneindig goede en wijze God. In beide boeken keurt die God de slavernij goed, een mensonterend, volstrekt immoreel instituut. Die God is dus niet oneindig goed en wijs, en daaruit volgt dat hij niet bestaat. Voor mij is dat een evidente waarheid. Ik ken echter intelligente en eerlijke mensen die dat inzicht niet volgen. De waarheid heeft haar rechten, maar dat geldt ook voor het respect voor de medemens. Trouw zijn aan mezelf kan dus alleen als ik die waarheid poog te verspreiden, maar dan zonder dwang, macht of louter formeel gezag. Alleen een beroep op de rede en op de diepe emoties die met medemenselijkheid gepaard gaan, zijn hier aanvaardbaar. Zo kan men een discussie aanvatten over wat met ‘openbaring’ bedoeld wordt. In het privéleven leidt zo’n houding tot verdraagzaamheid, in het maatschappelijke tot de vrijheid van meningsuiting. 

Een bestuur heeft geen geweten

Toegepast op het pleidooi van De Kesel inzake euthanasie, kunnen we op het rationele vlak de volgende vaststelling voorleggen. In tegenstelling tot wat ‘juristen’ beweren, heeft de wetgever wel degelijk de uitbreiding van de ‘gewetensclausule’ naar rechtspersonen afgewezen. Tweemaal werd een expliciet amendement daarover in de Senaatscommissie met een ruime meerderheid verworpen. In de Kamer werd een analoog amendement eveneens weggestemd. Dat de sociaal-democraat Fred Erdman ter zitting een andere mening uitte, is – vergeleken met deze formele stemmingen – irrelevant. Tussen de wens van de lijdende patiënt en de gewetensbeslissing van de arts erkent de wetgever dus geen andere instantie. Wel kunnen andere individuen die bij de handeling betrokken zijn, eveneens de gewetensclausule inroepen. 

Het stuitende van de visie van De Kesel ligt echter vooral op het morele vlak: hij eist een omkering van de waarden. Fundamenteel in onze beschaving is het respect voor de persoonlijke gewetensbeslissing en het mededogen met de lijdende medemens. Bij de patiënt gaat het om een noodkreet in een ultieme situatie, die bij Bach luidt ‘Wenn mir am allerbängsten wird um das Herze sein’. Bij de arts gaat het erom zijn vakopleiding en zijn deernis om de lijdende mens af te wegen. Dat is de meest intieme ‘wij-belevenis’ die mensen kunnen hebben. En daar wenst De Kesel de beslissing van een ziekenhuisbestuur tussen te wrikken: een instantie die geen geweten heeft – alleen mensen hebben dat – en die geen benul heeft, niet van het lijden van de patiënt en niet van de overwegingen van de arts. Het mededogen van de barmhartige Samaritaan, het zelfbeschikkingsrecht van de verlichting: met een ijzige gevoelskilte worden die basiswaarden te grabbel gegooid.

 

Banaliseer psychisch lijden niet

Johan Braeckman

Johan Braeckman is hoogleraar wijsbegeerte aan de UGent, An Ravelingien ethicus bij Bioethics Institute Ghent en Maarten Boudry wetenschapsfilosoof aan de UGent.

JOHAN BRAECKMAN e.a.

In een open brief uitten tientallen academici en zorgverleners hun bezorgdheid over de wettelijke regeling rond euthanasie voor ondraaglijk psychisch lijden (DM, 8/12). Die bezorgdheid is ongetwijfeld goedbedoeld, maar niettemin misplaatst. De briefschrijvers eisen een "objectieve" aanwijzing van de onomkeerbaarheid van psychisch lijden, zoals een "organisch letsel of weefselschade". Zij verwachten "factoren die onafhankelijk zijn van wat er subjectief inzake de ziekte gevoeld en gedacht wordt". Euthanasie op basis van "louter psychisch lijden" willen ze uit de huidige wetgeving schrappen. Vooral het woordje "louter" is hier zeer betekenisvol. 

Het is volgens ons een misvatting dat euthanasie enkel bij zogenaamd lichamelijk lijden "verantwoord" is. De eis om lijden (en pijn) "objectiveerbaar" te maken, is een vreemde vorm van positivisme of sciëntisme. Moeten we psychisch lijden waarvan mensen langdurig en helder getuigen, niet ernstig nemen zolang dat leed niet wetenschappelijk wordt hard gemaakt? Gaan we pas ingaan op de ultieme vraag om hulp als het leed onder een hersenscan is aangetoond? De briefschrijvers miskennen niet alleen de professionele competentie van de artsen en therapeuten die de diagnose stellen, maar willen de klok decennia terug draaien door de patiënt onmondig te verklaren over de aard en intensiteit van zijn of haar lijden.

UITZICHTLOOS LIJDEN

Vanzelfsprekend is lijden subjectief. Wat anders? Als een persoon lijdt, dan is hij of zij evident de enige die deze ervaring redelijk kan inschatten. Het lijden behoort toe aan een subject. Deze subjectieve dimensie miskennen, verraadt een gebrek aan empathie. De opmerking van de briefschrijvers dat ze "gealarmeerd zijn door een toenemende banalisering van euthanasie op grond van psychisch lijden" is bijgevolg bedenkelijk. 

In een gesprek met Bart Schols in De Afspraak (8/12) verwees Ariane Bazan, een van de initiatiefnemers van de brief, naar een artikel en het boek van psychiater Lieve Thienpont: "Libera me. Over euthanasie en psychisch lijden". Het werk van Lieve Thienpont maakte haar blijkbaar duidelijk dat euthanasie voor psychisch lijden opnieuw verboden moet worden. Dat is erg merkwaardig, omdat het boek van Lieve Thienpont net maar al te duidelijk maakt hoe uitzichtloos de situatie is van diegenen die omwille van psychisch lijden euthanasie aanvragen. Het gaat om mensen die men vaak reeds vele jaren tracht te helpen, met alle mogelijke middelen die de geneeskunde en de psychologische zorgverlening te bieden heeft. Sommige van die patiënten zijn zo wanhopig dat ze overgaan tot zelfdoding, met soms vreselijke en mensonterende gevolgen van dien. 

Denken de briefschrijvers dat de wetgever, en de artsen die bereid zijn om aan sommige (!) hulpvragen tegemoet te komen, lichtzinnig omspringen met het verzoek om waardig afscheid van het leven te mogen nemen? Dat ze niet op de hoogte zijn van de mogelijkheden van diverse therapieën en van de strikte voorwaarden voor euthanasie bij psychisch lijden? Net omdat psychisch lijden moeilijker meetbaar is, en een specifieke groep patiënten niet terminaal is, heeft de wetgever voor deze patiënten al twee bijkomende zorgvuldigheidsvoorwaarden verbonden aan een euthanasieverzoek: een tweede advies van een psychiater en een minimumwachttermijn van één maand.

De briefschrijvers houden het bij een algemene beschouwing over het "hopeloze gevoel" dat mensen bij depressie ervaren, dat voor hen "op geen enkele wijze in verhouding staat tot het werkelijk hopeloos zijn van een situatie". Maar uiteraard komt niet iedereen met een depressie zonder verdere therapeutische interventie zomaar in aanmerking voor euthanasie. Dat is evident. In de praktijk gaat het jaarlijks in ons land over een vijftigtal personen, een uiterst kleine fractie van het aantal mensen dat een depressie doormaakt. 

Dat de briefschrijvers het uitzichtloos lijden van deze kleine groep mensen wegwuiven als "louter subjectief", een gevoel dat nu eenmaal bij een depressie hoort, illustreert niet alleen een gebrek aan inlevingsvermogen maar bovendien is het een paternalistische reflex: 'Jij denkt dat je lijden uitzichtloos is, maar wij weten beter.' Overigens staat een acute depressie (bv. door een rouwproces) de wettelijke voorwaarde van vrijwilligheid meestal in de weg. Het gaat bij het merendeel van de euthanasie-aanvragen om andere mentale aandoeningen, soms in combinatie met langdurige, chronische en therapieresistente depressie.

HET VALSE ONDERSCHEID TUSSEN FYSIEK EN PSYCHISCH LIJDEN

De briefschrijvers vrezen dat de opvatting dat het uitzicht op de dood onderdeel van goede zorg kan zijn, "het radicale failliet van de mentale zorgsector" betekent. Deze opmerkelijke uitspraak was enkele decennia geleden nog een vaak gehoorde bedenking in het euthanasiedebat, ook voor fysiek lijden: "De dood is de vijand van de geneeskunde, als een arts iemand uit zijn lijden verlost, betekent dat het falen van de medische zorg". Ondertussen weten we beter. Helaas is het lijden van sommige patiënten zo onpeilbaar diep, dat het inwilligen van hun verzoek om medisch geassisteerd en pijnloos te overlijden, vanaf een bepaald moment het beste is wat de zorgsector nog te bieden heeft. Ariane Bazan en haar co-auteurs zijn blijkbaar van mening dat psychiatrische patiënten nooit uitbehandeld kunnen zijn. Dat komt erop neer dat psychiatrische patiënten geen recht hebben om een behandeling te weigeren, wat geheel in strijd is met de wet op de patiëntenrechten.

De euthanasiewet steunt op enkele fundamentele filosofische principes over een waardig levenseinde, waarin empathie en zelfbeschikking centraal staan. Er is geen goede reden te bedenken waarom men patiënten die ondraaglijk psychisch lijden, zoals ondubbelzinnig erkend door bevoegde artsen en conform de wetgeving, minder ernstig moet nemen dan diegenen die zogenaamd "objectief lichamelijk" lijden. Overigens ervaren ook mensen met een ongeneeslijke fysieke aandoening psychisch leed. Als we de logica van de briefschrijvers volgen, kan men bijgevolg de "ondraaglijkheid" van elke euthanasie-aanvraag betwisten, wat een aantasting inhoudt van de autonomie, en bijgevolg de waardigheid, van om het even welke patiënt die om euthanasie verzoekt. Net zoals de overgrote meerderheid van zorgverleners vandaag de dag, is ook de wetgever in 2002 heus niet overhaast te werk gegaan.

 

Johan Braeckman (hoogleraar wijsbegeerte, Universiteit Gent)
An Ravelingien (ethicus, Bioethics Institute Ghent)
Maarten Boudry (wetenschapsfilosoof, postdoctoraal onderzoeker, Universiteit Gent)
Etienne Vermeersch (gewezen voorzitter van het Raadgevend Comité voor Bio-ethiek)
Wim Distelmans (prof palliatieve geneeskunde, VUB)
Paul De Knop (Rector, VUB)
Wouter Duyck (opleidingsvoorzitter psychologie, Universiteit Gent)
Freddy Mortier (ethicus, UGent)
Marleen Temmerman (buitengewoon Hoogleraar, Universiteit Gent)
Gwendolyn Rutten (voorzitter Open Vld)
Jacinta De Roeck (gewezen senator en voorzitter van LEIF Antwerpen)
Serge Gutwirth (Professor mensenrechten, VUB)
Tony Van Loon (emeritus moraalwetenschappen, Vrije Universiteit Brussel)
Jean-Jacques Amy (Emeritus Hoogleraar Gynaecologie-Verloskunde, Vrije Universiteit Brussel)
Sonja Snacken (Professor criminologie, Vrije Universiteit Brussel)
Peter Paul De Deyn (Neuropsychiater, Hoogleraar, Universiteit Antwerpen en Groningen)
Paul Destrooper (bestuurder LEIF, Forum Palliatieve Zorg en Zuster Leontine Fonds)
Geert De Soete (Decaan Fac. Psychologie en Pedagogische Wetetenschappen, UGent)
Rik Schots (Professor Hematologie UZ Brussel)
Thierry Vansweevelt (Hoogleraar Medisch recht, Universiteit Antwerpen)
Jean Paul Van Bendegem (filosoof VUB, Brussel)
Marina Van Haeren (algemeen directeur deMens.nu en secretaris-generaal Centraal Vrijzinnige Raad)
Frank Schweitser (Ma Wijsbegeerte & Moraalwetenschappen, Verpleegkundige,
W.E.M.M.E.L. expertisecentrum 'waardig levenseinde')
Edel Maex (Psychiater, Ziekenhuis Netwerk Antwerpen)
Sylvain Peeters (psycholoog en voorzitter van deMens.nu)
Patrik Vankrunkelsven (docent huisartsgeneeskunde, KULeuven)
Peter Deconinck (emeritus hoogleraar kinderchirurgie, VUB)
Piet Hoebeke (professor, Voorzitter Medische Raad, Vakgroepvoorzitter Uro-Gynaecologie, Diensthoofd Urologie, UZ Gent)
Mario Van Essche (voorzitter HVV en advocaat, Putte)
Gert De Nutte (algemeen coördinator Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging)
Franky Bussche (directeur Studie en Onderzoek deMens.nu)
Guy Peeters (arts, Voorzitter Socialistische Mutualiteiten)
Anne-France Ketelaer (jurist en adjunct-algemeen directeur van UVV/deMens.nu)
Marjan Joris (coördinator De Maakbare Mens vzw)
Frank Christiaens (Anesthesioloog - Urgentiegeneesheer, LEIF-arts)
Stefaan De Smet (lector psychiatrische verpleegkunde en onderzoeker forensische psychiatrie, Hogeschool Gent - Vrije Universiteit Brussel - Universiteit Gent)
Bea Verbeeck (Psychiater-psychotherapeut Brussel)
Liesbet Lauwereys (coördinator De Maakbare Mens vzw)
Gwen Verbeke (LEIF-arts, Palliatief arts-geriater AZ Jan Portaels, Vilvoorde)
Magali de Jonghe (lid van de Federale Controle Commissie Euthanasie, lid RvB LEIF W-VL en vrijzinnig humanistisch consulent huisvandeMens Brugge)
Andrea Thienpont (onthaalmedewerker LEIF GENT)
Mia Fermon (partner van Koen, twee jaar geleden overleden door euthanasie)
Benneth De Proft (bestuur Vonkel en LEIF Antwerpen)
Jacqueline Herremans (advokaat, voorzitster association pour le droit de mourir dans la dignité, lid van de Euthanasie commissie)
Robert Gosselin (radioloog - UZ Gent)
Reinier Hueting (huisarts, LEIFarts, Geraardsbergen)
Ann Staels (klinisch psycholoog, Vonkel)
Tino Ruyters (directeur vzw Free Clinic, Antwerpen)
Robert Schurink (arts, directeur Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig
Levenseinde)
Marc Tourwé (hoogleraar Universiteit Antwerpen, faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen)
Christine Demeulemeester (psychotherapeut, Aalst)
Patrick Wyffels (leifarts, huisarts in Halle-Zoersel)
Winne Caemaert (Osteopate)
Jan Bernheim (Professor em. End-of-Life Care Research Group, Faculty of Medicine, Vrije Universiteit Brussel)
Guido Pennings (hoogleraar Bioethics Institute Ghent)
Heidi Mertes (ethicus UGent)
Dirk Demuynck (uitgever)
Brenda Froyen (ervaringsdeskundige, auteur van het boek Kortsluiting in mijn hoofd)
Rahis Remmery (Onthaalmedewerker LEIF GENT)
Hilde Verbruggen (Onthaal medewerker Leif Antwerpen)
André Van Nieuwkerke (Voorzitter LEIF West-Vlaanderen, Eresenator)
Inès Staelens (patiënt, ervaringsdeskundige)
Dominique Lossignol (M.D., Institut Jules Bordet, ULB)
Ann Callebert (klinisch psycholoog - onderzoekster herstel en euthanasie)
Kurt Audenaert (Hoogleraar psychiatrie, Universiteit Gent)
Erik Struys (bestuurder vzw Omega)
Bert Coessens (Sympathisant Vonkel)
Frank Vandendries (moreel consulent, levenseindecounselor Zuid-Nederland)
Rik Achten (Voorzitter Breinwijzer VZW, Diensthoofd radiologie UZGent)
Marleen Peters (projectleider en publicist, gespecialiseerd in het zelfgewilde levenseinde, Amsterdam)
Erna Van der Auwera (onthaalmedewerker LEIF Antwerpen)
Willy Depecker (psychoanalyticus-psychotherapeut, Brugge)
Dirk Devroey (professor, voorzitter vakgroep huisartsgeneeskunde en chronische zorg VUB)
Gaston R. Demarée (KMI-wetenschapper op rust)
Charles Susanne (prof. antropologie, VUB)
Nathalie Albert (ervaringsdeskundige Alexianen Zorggroep Tienen)
Elke Gyselaers (ervaringsdeskundige, Licentiaat Moraalwetenschappen, VUB)
Bart Callebert (ervaringsdeskundige, Gent)
Jasmien Caemaert (maatschappelijk werker)
Kathleen Van Steenkiste (vrijzinnig humanistisch consulent)
Simon Van Belle (medisch oncoloog, U Gent / UZ Gent)
Karl Laurent (Moreel Consulent Luchthaven Zaventem)
Diana Van de Gracht (vrijwilligster bij ,,Netwerk Levenseinde" in Oudenaarde)
Frank Heyvaert (LEIF arts voor LEIF Antwerpen)
Luc Proot (coördinerend LEIFarts LEIF West-Vlaanderen)
Louisette Vervaet (vrijwilligster verschillende organisaties, eredirecteur)
Peter Theuns (Hoofddocent statistiek en deontologie, Vrije Universiteit Brussel)
Gert De Rouck (informaticus)
Petra de Jong (voormalig directeur NVVE)
Arnold Decraene (huisarts, Lede)
Edward Keppens (emeritus professor, Vrije Universiteit Brussel)
Koen Titeca (psychiater, Kortrijk)
Rita Thienpont (vrijwilligster LEIFpunt Gent/VONKEL)
Wim Betz (arts, professor emeritus VUB)
Geert Derre (zelfstandig psychotherapeut, bestuurder Vonkel en onhaalmedewerker Leif Gent)
Hilde Borms (vrijzinnig humanistisch consulent)
Gustaaf Cornelis (wetenschapsethicus, Vrije Universiteit Brussel, Universiteit Antwerpen)
Jeannine Bellaert (LEIF-W.VL., Coördinator vrijwilligers)
Sigrid Lauwereys, vrijzinnig humanistisch consulent, Aalst
Serge Coopman (arts, Skin & Laser Clinic, Antwerpen)
Gerard De Fré (Psychiater, Aalst)
Mia Voordeckers (Radiotherapie/Leifarts UZ Brussel)
Jurgen Slembrouck (moreel consulent, Antwerpen)
Bart De Schutter (ere-rector VUB)
Pierre Martin Neirinckx (moreel consulent, criminoloog)
Ton Vink (filosoof en counselor, Nederland)
Ruddy Verbinnen (arts, bestuurder van de vzw Omega en Algemeen Coördinator van de Universitaire Associatie Brussel)
Roos Deschamps (ervaringsdeskundige)
François Pauwels (LEIFarts, equipearts Omega)
Maridi Aerts (gastro-enteroloog, LEIF arts, Brussel)
Jaak Remes (vrijwillige medewerker LEIF Gent)
Nathalie Vanderbruggen (Psychiater/ psychotherapeut, UZ Brussel)
Fredje Baert (PASS Actief Gent)
Chantal De Poorter (onthaalmedewerker LEIF-Gent - Vonkel)
Els Verbelen (klinisch psychologe te Kalmthout)
Tom Hannes (filosoof & schrijver)
Fred Waumans (socioloog, Hasselt)
Lidia Rura (doctoraal onderzoeker vertaalwetenschap, UGent, ex-partner van een overleden euthanasiepatiënt)
Jos van Wijk - Voorzitter Coöperatie Laatste Wil - www.laatstewil.nu
Gert Rebergen - Secr./penningmeester Coöperatie Laatste Wil - www.laatstewil.nu
Karen François (hoofddocent wijsbegeerte, VUB)
Cathy Macharis, Professor, Brussel
Karen Verstraeten (psychotherapeute, specialisatie chronisch zieken, Deurne)
Albert Stas (Directeur deMens.nu)
Kristel De Vos (begeleidster volwassenen met een beperking, Lennik)
Mayke Hundhausen (Onthaalmedewerker LEIF Gent)
Colette Raymakers, voorzitter Netwerk Levenseinde, bestuurder LEIF
Michel Flamée (emeritus professor, Vrije Universiteit Brussel)
Laura Michiels (vrijwilligster LEIFAntwerpen)
Steven De Lelie (acteur)
Jean Meurs, Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Mol
Mia Tytgat, Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Mol
Klara Jacops (psychologe, Gent)
Patrick Rentmeesters (burger)
Mil Kooyman (Gewezen vakbondsverantwoordelijke, Bestuurder van Woonzorgcentrum Domino)
Herman Thienpont (psycholoog)
Willem Laureys (MD, Omnipracticus op rust)
Elisa Bulckens (criminologe, psychotherapeut, Antwerpen)
Rudi Collijs (lid Liberales, Lochristi)
Michael Portzky (klinisch psycholoog, Gent)
Jan Baccaert (geoloog, vrijwilliger UGent)
Marjorie Vangansbeke (Massage-therapist)
Herbert Plovie (Geneeskeer-Kolonel b.d., Bredene)
Jean-Jacques De Gucht (gemeenschapssenator)
Veerle De Vos (Psychotherapeute en medewerkster Vonkel, Gent)
Philippe Van Cauwenberghe (Psychiater, Gent)
Patrick Simons (Huisarts- Leif-arts - palliatieve equipearts, Halle)
Henri Bartholomeeusen (Président du Centre d'Action Laïque)
Maya Franssens (Klinisch Psychologe-Neuropsychologe en Psychodiagnosticus, Sleidinge)
Asteer Caemaert (ex-psycholoog/psychotherapeut)
Miek Caenberghs (psychologe en familietherapeute)
Joke Denekens (emeritus Hoogleraar huisartsgeneeskunde)
Rika Peters (LEIF-medewerker Gent)
Jelissa Boiy (verslavingsarts Kortrijk en Roeselare)
Joeri Van Looy (Klinische psycholoog en oplossingsgericht systeemtherapeut, Wilsele)
Marijke Mulder (levenseindecounselor en zingevingscoach, Noord Nederland)
Robert Geeraert (bestuurder LEIF)
Det Tacq (psychologe, Gent)
Frank Stappaerts (inspecteur niet-confessionele zedenleer)
Geert Crombez (professor, Department Experimental-Clinical and Health Psychology, Health Psychology Lab, Universiteit Gent)
Ann Naessens (onthaalmedewerkster LEIF Antwerpen)
Hendrik Cammu (professor, arts, VUBrussel)
Hubert Van Hoorde (ereprofessor, Universiteit Gent)
Eddy Van Gelder (voorzitter raad van bestuur VUB)
Michele Leunen (gynaecologe, UZ Brussel)
Sebastiaan Engelborghs (neuroloog en hoogleraar neurowetenschappen, UAntwerpen)
Ann Buysse (hoogleraar psychologie, UGent)
Marie Jeanne Vanrobaeys (zus van iemand die uit het leven stapte op basis van ondraaglijk psychisch lijden)
Carlo Goethals ( leraar, ervaringsdeskundige)
Hugo U. Besard - Kunstenaar/graficus - prof Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Monica Verhofstadt (masterstudente klinische psychologie, onderzoekster naar ondraaglijk lijden bij psychiatrische patiënten)
Ann Weckx (scenografe en kunstenaar, verbonden aan Topaz in Wemmel)
Greta Fiers (Oostende)
Piet Van Leuven (emeritus gewoon hoogleraar, Mol)
Vera Rogiers (professor, diensthoofd Toxicologie, fac G&F, VUB)
Guy Hubens (Chirurg Antwerpen, hoogleraar UA)
Bart Keymeulen (Gewoon hoogleraar VUB, Endocrino-diabetoloog)
Els Goderis (directeur huizenvandeMens West-Vlaanderen & ondervoorzitter Leif West-Vlaanderen)
Frank Scheelings (docent VUB, coördinator Centrum voor Academische en Vrijzinnige Archieven)
Carine Vrancken (psycholoog, abortuscentrum Hasselt )
Isabelle Libbrecht (psychiater)
Johan Braeckman (uroloog UZ Brussel, professor VUB)
Mia Taffijn (Verpleegkundige UZ Brussel)
Sven Estercam (arts, diensthoofd en medisch coördinator diensten psychiatrie St Franciskusziekenhuis Heusden-Zolder en Jessaziekenhuis Hasselt)
Charlotte Stolte (Anesthesiste, AZ Nikolaas)
Dirk Avonts (professor huisartsgeneeskunde, Universiteit Gent)
Wim Vandenbussche (hoogleraar Nederlandse taalkunde VUB)
Anouck Debroye (HR Interim Manager & Coach)
Gily Coene (professor VUB)
Magriet De Maegd (Cultureel medewerker in het supportief en palliatief dagcentrum TOPAZ)
Michel De Brabander (huisarts, Humbeek)
Gemma Cogen (verplegende, UZ Brussel)
Frie Blanckaert (gepensioneerd lector Arteveldehogeschool)
Eliane van den Ende (journalist, Beigem)
Theo Compernolle (psychiater)
Mieke VERDIN (actrice, medewerker bij de communicatiemodule van de Leif-opleidingen in Wemmel)
Niels De Temmerman, professor, Vrije Universiteit Brussel
Greet Blanckaert (psychotherapeut, Gent)
Michel Deneyer (docent bio-ethiek, VUB)
Marc Noppen (arts, pneumoloog, CEO UZ Brussel)
Dr. Eric Vandevelde (gynaecoloog, LEIFarts, Ronse)
Jim Van Leemput (ere algemeen directeur VUB, voorzitter Instelling Morele Dienstverlening Antwerpen)
Winnie Belpaeme (vrijzinnig-humanistisch moreel consulente, Gent)
Rik Pinxten (professor emeritus culturele antropologie, Gent)
Hilde Depla (zelfstandig schilder)
Henri Oger (onthaalmedewerker LEIF, Gent)
Tessa vermeiren (journalist met rust)
Pierre Pol Vincke, (zoöloog, gewezen Minister-raad voor Internationale samenwerking FOD-BZ.
Ruth Raes (Coördinator Netwerk Levenseinde, Palliatieve thuiszorg Zuid-Oost-Vlaanderen).
Marianne Marchand (Gewezen Voorzitter Humanistisch Verbond)
Robert Cliquet (prof. em. Antropologie, UGent)
Joris Weyns (LEIF-arts, equipe-arts)
Yves Kengen (Directeur Communication - Médias, Centre d'Action Laïque ASBL)
Katrien Van den Meerschaute (vrijzinnig humanistisch consulent, huisvandeMens, Aalst)
Rita Van der Stoelen (Onthaalmedewerker LEIF, Gent)
Paula Schepens (onthaalmedewerker Leif Gent en Brugge)
Jutte van der Werff ten Bosch (Kinderarts)
Alex Michotte (neuroloog UZ Brussel)
Tine Berbé (vrijzinnig humanistisch consulent, Brussel)
Tim Trachet (VRT journalist)
En: Els Vermeeren, Marc De Waele, Marc Coucke, alsook tientallen patiënten, psychologen, therapeuten, artsen, ethici...

Over God

Boek
Etienne Vermeersch - Over God

Christenen geloven dat God almachtig en liefdadig is. Toch is er lijden en kwaad in de wereld. De god van het christendom is dus lmachtig noch oneindig goed.

Met een onontkoombare overtuigingskracht toont Etienne Vermeersch aan dat we het bestaan van de god van het christendom niet alleen om principiële redenen, maar ook op grond van 'zijn' Openbaring zowel op rationele als op ethische gronden niet kunnen aannemen. Alles wat positief is in de wereld en in de Bijbel kunnen we op een wetenschappelijke, 'naturalistische' wijze verklaren zonder op zijn bestaan een beroep te doen. Alles wat negatief is, wordt, als we in de leiding en inspiratie van een goede, wijze en almachtige god geloven, volkomen onbegrijpelijk en absurd.

Lees de Koran eens goed

Etienne Vermeersch
Birmingham Koran

Omdat er, ook bij moslims, nogal wat onwetendheid bestaat inzake de islam, is het nuttig eens en voorgoed het volgende te preciseren. In de Koran vindt men, in verband met het slachten van dieren voor voeding, slechts de hierna volgende voorschriften.

Soera 2.173: ‘Hij (God) heeft voor jullie slechts verboden wat van zichzelf is doodgegaan, bloed, varkensvlees en vlees waarover iets anders dan God is aangeroepen. Maar wie ertoe gedwongen wordt, niet uit begeerte of om te overtreden, voor hem is het geen vergrijp. God is vergevend en barmhartig.’

Vermeersch en de pedofiliediscussie: de correcte gegevens.

Etienne Vermeersch

In de pers zijn enkele zogenaamde 'interviews' met Etienne Vermeersch geschreven. Aan de persmensen die hebben opgebeld werd nochtans duidelijk gezegd dat het antwoord betreffende het artikel van 1979 alleen aan De Morgen werd toegezegd.

Teksten hierover in andere kranten, zelfs onder de hoofding "Interview" zijn op grond daarvan als fictief of "off the record" te beschouwen en zijn ook onvolledig en/of onjuist.

Hierna volgen de teksten zoals ze in De Morgen zijn verschenen, voor die welke op zijn naam staan, neemt Etienne Vermeersch de volle verantwoordelijkheid op zich. Dat geldt dus zeker niet voor alles wat elders aan hem werd toegeschreven.

Overhaaste euthanasie? Geloof niet alles wat 'The New Yorker' schrijft

Jan Bernheim and Etienne Vermeersch
The New Yorker 22/06/2015 cover

Volgens The Death Treatment, een groot essay van negen pagina's door Rachel Aviv in The New Yorker (oplage meer dan een miljoen!) zouden Belgische zenuwzieke patiënten overhaaste en onzorgvuldige euthanasie krijgen en de professoren Distelmans en De Deyn 'cowboys' zijn. De Morgen berichtte erover (DM 17/6). Het essay was verontrustend voor iedereen, en discrediterend voor artsen en het Belgisch model van levenseindezorg. 

The New Yorker was echter niet bereid een Engelse vertaling van de volgende respons te publiceren. 

 

professor Jan Bernheim en professor Etienne Vermeersch

Rachel Aviv stelde zich aan ons voor als onderzoeksjournaliste over de 'geschiedenis, ontwikkeling en filosofie van de Belgische levenseindezorg'. Dit model interesseerde haar als vooralsnog uniek systeem waar euthanasie in de palliatieve zorg ingebed is en streeft naar 'integrale levenseindezorg'. Zij kreeg studies toegestuurd en kwam hier wekenlang wetenschappers en practici interviewen.

Aviv had haar huiswerk gedaan en stelde pertinente vragen. Alleen terloops vroeg zij wat we dachten van het 'geval Tom Mortier'. Zij leerde veel bij over, onder andere, 'Wanneer mogen mensen met een niet-terminale ziekte geholpen worden te sterven?', de ondertitel van haar artikel. Maar wat je kreeg, was Tom Mortiers kruistocht tegen de vermeende onzorgvuldige euthanasie van zijn moeder, die niet meer voort wilde na een jarenlang vruchteloos behandelde depressie.

We lezen dat Mortier, die in zijn moeders buurt woont, een conflictueuze relatie met haar had en van haar was vervreemd. Toen zij haar kinderen liet weten dat een euthanasieprocedure onderweg was, antwoordde hij niet. Zijn zus, daarentegen, die in Afrika als mensenrechtenjuriste werkt, betuigde haar verdriet, maar legde zich neer bij haar moeders wil. De procedure duurde acht maanden, met talrijke raadplegingen bij Distelmans, meerdere psychiatrische adviezen en intense betrokkenheid van een priester.

Recht op empathie, medelijden en therapie

Tom Mortier geeft zijn versie van de familiesaga. Een van de trauma's was de zelfdoding van zijn vader. Alleen al uit Avivs verhaal blijkt overduidelijk dat het over een multigenerationeel psychologisch zeer verstoorde familie gaat.

Mortier heeft ook twee gelijkaardige gevallen gerekruteerd waar, zoals hijzelf, een van de kinderen eronder geleden heeft niet door hun moeder te zijn betrokken bij haar euthanasie. De clinicus onder ons (JB) kent details die hem geruststellen, maar die hij, net als de beschuldigde dokters Distelmans en De Deyn, omwille van het beroepsgeheim niet kan vrijgeven. Maar je hoeft geen details te kennen of expert te zijn om uit Avivs tekst te begrijpen waar Tom Mortier aan lijdt: pathologische rouw, een welbekende klinische entiteit die vooral voorkomt wanneer mensen een verstoorde en door schuldgevoelens doordrongen relatie hadden met de overledene. Dit is intriest, maar mag het grotere verhaal niet verhullen: een grootschalige Nederlandse studie vond minder pathologische rouw onder de nabestaanden van patiënten die met euthanasie stierven dan na 'natuurlijk' overlijden.

Mortier heeft recht op empathie, medelijden en therapie. In plaats daarvan ging hij voor zelfbehandeling, met rechtsgedingen tot bij het Europees Hof van de Mensenrechten. We mogen hopen dat het bereiken van miljoenen lezers, onder wie die van De Morgen, zijn lijden zal verzachten.

Euthanasie, zoals zelfdoding, is in de eerste plaats individueel, maar kan ook relationele aspecten hebben. Zoals er een element van agressie kan bestaan bij zelfdoding, zo kan dat ook bij euthanasie. Clinici als Distelmans en De Deyn zijn extra omzichtig wanneer de familiale achtergrond verstoord is. Zij nodigen hun patiënten steeds uit hun nabestaanden zo veel mogelijk te betrekken in het euthanasieproces. Patiënten die familiebetrokkenheid afwijzen, mogen dit doen, maar moeten weten dat hun nabestaanden eronder kunnen lijden, en de artsen overtuigen dat dit niet het doel is.

We zijn niet alleen bezorgd om Tom Mortier maar ook om miljoenen lezers die de stuipen op het lijf werden gejaagd. Zeker, het Belgisch model van levenseindezorg heeft nog mankementen. De onvolmaaktheden van de levenseindezorg wegen niet op tegen de redelijke zekerheid van de Belgen om na goede palliatieve zorg volgens hun wensen te sterven. De Canadese provincie Québec heeft net een wet over levenseindezorg aangenomen die het Belgisch model goeddeels overneemt.

Wat indien een Belgische journaliste het Amerikaanse model van wetenschappelijk onderzoek ging bestuderen, en alleen het smeuïger verhaal van een paar verongelijkte wetenschappers bracht? Zij zou recht hebben op een persoonlijke visie (antiwetenschappelijkheid, bijvoorbeeld), maar zou die niet mogen verhullen onder een misleidende vlag. Avivs discrediteren van artsen en het Belgisch model was dan maar collateral damage. Om haar titel te parafraseren: wanneer mogen journalisten goede informatie door onterechte discreditering en griezelige toeters en bellen vervangen?

Het Hiernamaals

Boek
Box hoorcollege 'het hiernamaals'

Een downloadable hoorcollege over dodencultus en onsterfelijkheidsgeloof in religie en cultuur.
Door Etienne Vermeersch.

De meeste culturen en religies kennen een vorm van dodencultus en dodengeloof: gedragingen en denkbeelden rond de doden en de dood.

Zoals bijvoorbeeld het achterlaten van voorwerpen en sieraden in een graf, angst voor de doden en bidden voor de ziel van de overledene. In bepaalde culturen is ook een echte vorm van onsterfelijkheidsgeloof ontstaan: de overtuiging dat de persoon na zijn dood verder leeft en in dat bestaan de gevolgen ondergaat van zijn daden in het vorige leven.

Over 'Reyers Laat : gesprek met Etienne Vermeersch en Bart De Wever'

Door het feit dat ik intens aan het werken ben aan mijn volgend boek, heb ik niet de tijd om alles te volgen wat op Facebook geschreven wordt. Aangezien echter mijn gesprek met Bart De Wever op Reyers Laat tot een groot aantal reacties geleid heeft op sociale media, vond ik het nu toch mijn plicht die te lezen en enig commentaar te geven.

Ik ben voorstander van solidariteit in opeenvolgende concentrische cirkels. Familie, buurt, werkomgeving, gemeente, Vlaanderen, België, Europa en uiteindelijk, (in tegenstelling met BDW) de wereldgemeenschap. Ik sluit dus een bijzondere affiniteit voor bv. Vlaanderen niet uit, als die maar geen negatief uitsluitingscachet heeft

Etienne Vermeersch

Over het morele belang van 25 jaar Gentse Feestendebatten, georganiseerd door Eric Goeman.

Artikel
Etienne Vermeersch

'Zoals blijkt uit zijn begeleidende tekst bij "25 jaar Gentse Feestendebatten", had Eric Goeman vanaf het begin de bedoeling duidelijk te maken dat het een illusie was te denken dat het einde van de ideologische discussies nabij was. Hij verzette zich met al zijn energie tegen de opvatting dat men definitief kon overgaan naar een sfeer van 'business as usual'. Er was toen veel doorzicht en moed voor nodig om te durven ingaan tegen een brede stroming die het maatschappelijk debat stilaan overbodig vond. Velen koesterden zich in de volgende overtuiging: als alle zogenaamde deskundigen in het bestuur van bedrijven, banken en zelfs politieke partijen, gewoon het boekje volgen, dan zal alles wel gesmeerd lopen. De contestatiebewegingen van de jaren '60 '70 begon men als een vorm van late puberteitscrisis te beschouwen en de ineenstorting van het Marxistisch-Leninistisch communisme suggereerde dat ook op het internationale vlak de evolutie naar een uniek economisch model voor de deur stond.

Is Etienne Vermeersch een bescheiden filosoof?

Artikel
Paul Gordyn

Etienne Vermeersch, geboren in 1934, is een Vlaams filosoof.

In zijn doctoraatsverhandeling schreef hij, aanleunend bij het neopositivisme en de cybernetica, een “Epistemologische inleiding tot een wetenschap van de mens”, waarin hij zijn “vormentheorie” uitwerkte.

Hij werd hoogleraar aan de Universiteit van Gent in 1967.
Hij hield zich bezig met bio-ethische vraagstukken en was één van de belangrijkste wegbereiders van de legalisering van abortus en euthanasie in België.

Brief van de dag - Reactie Etienne Vermeersch op Willem Lemmens

Brief van de dag - Reactie Etienne Vermeersch op Willem Lemmens

Collega Willem Lemmens (verder WL) is een beminnelijk man waarmee ik al prettig heb samengewerkt. Het valt dus moeilijk de degens met hem te kruisen. Maar soms gaan waarden en waarheid boven persoonlijke waardering. Volgens hem neem ik "een loopje met de waarheid" (DM 15/3). Hij geeft daar geen enkel voorbeeld van.

De brief van de kinderartsen, door hem ondertekend, verwees naar een zogenaamd belangrijke cesuur in de ontwikkeling: "Volwassen denken kan een jongere pas na de leeftijd van 18 jaar." Mijn argumenten daartegen waren al afdoende, maar omdat sommigen hardleers zijn, voeg ik er nog het volgende aan toe. Die cesuur is volgens de anatomische, fysiologische, neurofysiologische en psychologische gegevens totaal onbestaande. Dit is dus non-wetenschap. Ik vermeld nog dat er tientallen voorbeelden zijn van jongeren die op 18 jaar een universitaire opleiding voltooid hadden. Mensen met enige culturele bagage kennen ook de opera's van de jonge Mozart. Rimbaud schreef op 16-jarige leeftijd een gedicht over de dode (!) Ophelia, dat één van de toppunten van de wereldliteratuur vormt.

Deze kernzin van hun betoog was dus een academische miskleun van wereldformaat. In een intellectueel eerlijk debat begint men met de eigen blunders te erkennen vooraleer anderen onwaarheden toe te dichten.

WL bagatelliseert de klachten rond Wim Distelmans: een "arme dokter". Maar het gaat hier over de grondlegger van de palliatieve zorg in Vlaanderen (vóór zuster Leontine), tevens één van de voorvechters van de euthanasiewetgeving en de voorzitter van de evaluatiecommissie. Dus een symboolfiguur. Bovendien hadden we het niet zomaar over een discrete klacht - waartoe inderdaad iedereen het recht heeft - maar om een gemediatiseerde aanval in de Artsenkrant en later in andere persorganen. Weet WL dat niet, of doet hij alsof? Je moet niet heel slim zijn om in te zien dat zo'n 'hetze' tot gevolg kan hebben dat andere dokters zich geïntimideerd voelen, waardoor hun bereidheid om op een euthanasieverzoek in te gaan verder in het gedrang kan komen. Ik gaf voorbeelden van de afschuwelijke gevolgen waartoe weigeringen van euthanasie kunnen leiden: één suïcide als gevolg hiervan heeft zich bij een geliefd familielid voorgedaan - mag ik dan even "emotioneel" zijn? -, maar er zijn er zo veel meer.

Tevergeefs zoek ik echter concrete voorbeelden bij WL van "immorele gevolgen" van onze wet? Waar leest hij dat ik "palliatieve sedatie afdoe als lapwerk"? Ik juich integendeel toe dat ook in het buitenland de "refractaire symptomen" worden erkend en op de enige doeltreffende wijze worden behandeld: "Nu dus meer en meer onze barmhartige houding tegenover de lijdende medemens navolging vindt...".

Wel betoog ik, volkomen terecht, dat die "terminale sedaties", voor wat het leven van de "bewuste persoon" betreft, nauwelijks van onze euthanasie verschillen. Ik voeg eraan toe dat het immoreel is als men daarbij iemand als persoon die dood injaagt, zonder zijn/haar toestemming te vragen. Keurt WL dat goed, of loochent hij het bestaan daarvan? In het eerste geval hoor ik graag zijn ethische argumenten; in het tweede moet hij dringend enkele recente studies lezen.

Tijdens een tv-debat (Reyers laat, 11/2) heb ik de kinderarts driemaal de kans gegeven om "ja" te antwoorden op de vraag of er altijd 'informed consent' was; hij heeft dat telkens ontweken. Waar vindt WL in mijn tekst dat ik degenen die kritische geluiden laten horen "onverdraagzaam, onmenselijk en niet-geïnformeerd" noem? Citeer eens a.u.b.! Als een bewering bewijsbaar een wetenschappelijke flater is, zoals in het voorbeeld hierboven, zeg ik dat. Maar in mijn artikel wordt geen enkele persoon in negatieve zin met naam genoemd. In de Euthanasiecommissie (vóór de wet) waarvan ik covoorzitter was, zijn alle standpunten wederzijds kritisch beoordeeld, maar er is nooit een onvertogen woord gevallen. Ook nu stond duidelijk in mijn artikel dat wij "onze visie niet opdringen aan medemensen die daar andere inzichten over hebben". Waarom dan in al die gevallen de "de welgekende waarheid bestrijden"? Ooit leerde ik dat dit een "zonde tegen de H. Geest" was.

In verband met psychisch lijden wijs ik wel degelijk op de problemen op dit gebied (vierde kolom bovenaan). Wel vraag ik dat eenieder respect zou hebben voor de beslissing van de anderen. Ik verzoek de kritische lezer de tekst van WL regel na regel naast mijn tekst te leggen (eerbied.be) en na te gaan wie eigenlijk aan desinformatie doet.

Dit artikel heeft me pijn gedaan, niet omdat er ook maar één van mijn stellingen correct wordt weergegeven, laat staan weerlegd, maar omdat deze verzameling van gratuite, persoonlijk gerichte schimpscheuten geschreven of ondertekend werd door enkele mensen voor wie ik tot nu toe veel waardering had omdat ik geloofde in hun integriteit en waarheidsliefde. Ik ben weer een illusie armer.

Etienne Vermeersch,

hoogleraar emeritus, Wetteren 

 

——————

Bron: https://www.eerbied.be/artikel/

Bron: https://www.demorgen.be/nieuws/het-waardig-levenseinde-in-gevaar~b2981ace/

Het waardig levenseinde in gevaar - stop de hetze tegen de nieuwe euthanasiewet

professor Etienne Vermeersch - Oproep

Stop de hetze tegen de nieuwe euthanasiewet en banaliseer het psychische lijden niet. Steun ons samen met 4723 anderen : http://eerbied.be

De algemene aanvallen op onze euthanasiewetgeving naar aanleiding van de nieuwe wet, worden nu aangevuld met een hetze tegen Wim Distelmans (De Morgen, 22 februari 2014).

We stellen vast dat deze klacht bij de Orde van geneesheren vooral gebaseerd is op het feit dat betrokken familielid niet op de hoogte zou zijn geweest van de nakende euthanasie, wat echter door hemzelf tegengesproken werd in de krant (De Morgen, 5 januari 2013). Het is een dwingende noodzaak aan het publiek duidelijk te maken dat een belangrijke maatschappelijke en ethische vooruitgang die door een groot deel van de bevolking wordt gesteund, door zulke initiatieven hier verdacht gemaakt wordt.

De Belgische euthanasiewet

Sinds de Wet van 28 mei 2002, hebben gemiddeld meer dan 800 mensen per jaar er een beroep op gedaan. Enkele duizenden patiënten “die zich in een medisch uitzichtloze toestand bevonden” hebben dus, in volle bewustzijn en volledig vrijwillig, gevraagd om uit “een ondraaglijk fysiek of psychisch lijden” verlost te worden. Eveneens dank zij deze wet hebben honderden artsen, soms na een gewetensconflict, gemeend uit barmhartigheid en medemenselijkheid op deze vragen te kunnen ingaan. De door de wet voorziene evaluatiecommissie, die bestaat uit deskundige personen van uiteenlopende bevoegdheid en wereldbeschouwing, heeft beslist dat deze handelingen aan alle door de wet voorziene criteria voldeden.
Samen met Nederland en het Groothertogdom Luxemburg, die min of meer vergelijkbare wetten hebben, staat ons land daardoor, ethisch gezien, wereldwijd op een eenzame hoogte.
Bij ons kunnen wilsbekwame personen die dit wensen, de dood ingaan op een wijze die strookt met hun persoonlijke visie op wat een waardig levenseinde is. Zij dringen die visie niet op aan medemensen die daar andere inzichten over hebben. Zelfbeschikking van de patiënt in extreme nood, barmhartige liefde vanwege de arts, en, bij allen, een pluralistische houding tegenover andersdenkenden, vormen de fundamentele beginselen waarop deze wetgeving gebaseerd is. De evaluatie achteraf garandeert dat andere maatschappelijke waarden hierbij niet in het gedrang komen.
Wel was er tot op heden de pijnlijke anomalie dat wilsbekwame personen die aan alle eisen van de wet beantwoordden, daar beneden de 18 jaar geen beroep op konden doen. Zoals reeds in Nederland het geval was, is daar nu ook bij ons een oplossing voor gevonden door de wet die op 13/2/2014 werd goedgekeurd.
De ethische en maatschappelijke impact van de doorbraak in 2002 blijkt ook uit het feit dat in hetzelfde jaar de wetten betreffende de palliatieve zorg (14/6) en de patiëntenrechten (22/8) tot stand kwamen. Het is natuurlijk geen toeval dat, uitgerekend dank zij de discussies inzake euthanasie, de inzichten op al die gebieden verdiept werden en wij nu mogen stellen dat wellicht nergens ter wereld de zwakke en zieke personen in hun waardigheid en in hun recht om niet zinloos te lijden, in een zo hoge mate beschermd worden als bij ons.
Door deze wetgeving is het levenseinde ook in al zijn facetten bespreekbaar geworden, is de dialoog met en het vertrouwen in de artsen toegenomen en bovendien hebben er heel wat mensen geen beroep gedaan op euthanasie omdat ze de zekerheid hadden dat ze die in een extreme toestand toch zouden bekomen.

‘Vertraagde euthanasie’ ook in het buitenland

Maar ook in het buitenland hebben deze ontwikkelingen invloed gehad. Tot in de jaren ’80 werd overal door talloze artsen de stelling verdedigd dat de gangbare medische middelen volstonden om alle zinloos lijden uit de wereld te helpen. Mede dank zij onze euthanasiediscussies dringt nu in veel landen het inzicht door dat er zogenaamde ‘refractaire (onbehandelbare) symptomen’ bestaan, die men zelfs met de beste palliatieve zorg niet kan lenigen. Men hoeft maar bij Google de zoektermen refractory symptoms, palliative care, euthanasia en hun combinaties in te typen om vast te stellen dat de grote meerderheid van de publicaties hierover van na 2000 dateert en de enkele uitzonderingen uit het midden van de jaren ’90. Hoewel hier en daar nog een taboe rust op de term ‘euthanasie’, heeft men toch ingezien dat het gruwelijk lijden moet worden uitgebannen. Men zoekt dan zijn toevlucht in de palliatieve, continue of ‘terminale sedatie’ (hier verder TS). In feite is dat een vertraagde euthanasie, want men maakt met medicatie de patiënt onbewust tot aan zijn dood. De waarnemende, denkende en voelende persoon wordt definitief uitgeschakeld, maar zijn lichaam blijft als een plant nog een tijd verder leven. Niet voor lang, want in de echte TS wordt veelal voedsel en vocht ontzegd, zodat ook het lichaam onvermijdelijk (sneller) ‘versterft’.
In steeds meer landen voert men dus bij ‘refractaire symptomen’ praktijken in die wat het bewuste leven van de patiënt betreft, nauwelijks van onze euthanasie verschillen. Dat gaat wel nog gepaard met het immorele aspect dat men vaak de patiënt zelf over dit levenseinde in het ongewisse laat en het dan eerder een levensbeëindiging zonder verzoek betreft.

Aanval op een waardig levenseinde

Nu dus meer en meer onze barmhartige houding tegenover de lijdende mens in het buitenland navolging vindt, zijn er in ons land enkelingen die een hetze op het getouw zetten om onze euthanasiewet in diskrediet te brengen. Men bouwt daarbij argumentaties op die zo pijnlijk zwak zijn dat de bedenkers bij een ernstige discussie door de mand vallen.
Ergerlijk is vooral dat men klachten indient bij de Orde van geneesheren of misschien zelfs bij het parket om, via het doembeeld van een mogelijke vervolging, de genereuze artsen de schrik op het lijf te jagen. Bovendien worden deze klachten publiek gemaakt zonder dat de betrokken arts zich kan verdedigen wegens zijn beroepsgeheim. Als deze funeste strategie zou lukken, zouden opnieuw honderden mensen in extreme nood niet meer geholpen worden.
Tot de hoogstaande moraal van het Oude Egypte (18de eeuw v.C.) behoorde reeds de hoop dat men voor de rechterstoel van Osiris zou kunnen zeggen: “Ik heb niemand doen lijden”. Als deze nogal zelfverzekerde moralisten het zouden halen, dan zullen zij dat alvast nooit meer kunnen zeggen…integendeel.

Waar zoeken ze hun argumenten?

Vooreerst in de enkele problemen die kunnen ontstaan bij mensen die om vooral psychische redenen uit het leven willen stappen. Sinds het ‘arrest Chabot’ (1994) waarin de Nederlandse Hoge Raad een euthanasie om psychische redenen niet afwees, is deze thematiek aan de orde gebleven. Het blijft moeilijk de aard van de aandoening en de ondraaglijkheid van het lijden adequaat in te schatten. Daarom voorziet de Belgische wet ook een bijkomend psychiatrisch advies. Sommigen kunnen in het euthanasieverzoek omwille van psychisch lijden inkomen. Momenteel is echter veeleer het omgekeerde het geval; soms met dramatische suïcides als gevolg. Zo heeft een vrouw die bij de psychiaters geen gehoor kreeg, zich publiek levend verbrand. Wij veroordelen niet a priori, maar ook voor degenen die anders beslissen moet men respect opbrengen.
Een tweede probleem doet zich voor bij onenigheid tussen de patiënt en echtgenoten, ouders of kinderen. De zorgvuldigheid vraagt dat men de patiënt ertoe aanzet contact te zoeken, maar bij weigering is de wet zeer duidelijk. De patiënt heeft het laatste woord en zonder zijn/haar toestemming mag de arts het beroepsgeheim niet schenden. Dat geldt trouwens ook bij alle andere medische handelingen.
Ten slotte zijn er groepen die hun kritiek baseren op de recente wet. Hierover kan het antwoord kort zijn. In hun betoog staat uitdrukkelijk: “Volwassen denken kan een jongere pas na de leeftijd van 18 jaar“. Iedere zestienjarige die niet mentaal gehandicapt is, kan inzien dat persoonlijkheidskenmerken zoals intelligentie, emotionaliteit… (a) zich continu ontwikkelen en niet plots op een bepaalde leeftijd tot stand komen en vooral (b) grote individuele verschillen vertonen: Anne Frank (13-14 jaar) stond qua persoonlijke rijpheid veel hoger dan degenen die haar vermoord hebben. Het niveau van de hierboven geciteerde zin laat dus ook over de rest van de argumentatie niet veel positiefs verwachten.
Zonder op de concrete klachten die voorliggen te willen ingaan, is het een dwingende noodzaak aan het publiek duidelijk te maken dat een belangrijke maatschappelijke en ethische vooruitgang die door een groot deel van de bevolking wordt gesteund, hier verdacht gemaakt wordt.

Met deze actie willen wij voorkomen dat een positieve ontwikkeling in de mentaliteit van de artsen en dus ook hun dienstbaarheid tegenover de lijdende mens, in het tegendeel zou omslaan. Gelieve daarom onze actie te ondertekenen op deze site: http://eerbied.be

Professor Etienne Vermeersch
(gewezen co-voorzitter van de euthanasiecommissie
binnen het Raadgevend Comité voor Bio-ethiek)

Tekst mee ondertekend door:

Lieven Annemans – Yves Benoit – Kristel Beyens – Lieve Blancquaert – Johan Braeckman – Franky Bussche – Hugo Camps – Veerle Claus-De Wit – Eric Corijn – Maggie De Block – Kris De Bruyne – Jean-Jacques De Gucht – Paul De Knop – Jacinta De Roeck – Kurt Defrancq – Peter Deconinck – Joke Denekens – Leona Detiège – Maya Detiège – Jan Goossens – Bob Gosselin – Serge Gutwirth – Kristien Hemmerechts – Reinier Hueting – Nicole en Hugo – Manu Keirse – Tom Lanoye – Jeannine Leduc – Patrick Loobuyck - Marleen Merckx – Erwin Mortier – Freddy Mortier – Marc Noppen – Bart Peeters – Stijn Peeters – Sylvain Peeters – Freya Piryns – Anne Provoost – Frank Raes – Tom Schoepen – Paula Semer – Jurgen Slembrouck – Kris Smet – Sonja Snacken – Marleen Temmerman – Jean Paul Van Bendegem – Gerlant Van Berlaer – Christine Van Broeckhoven – Jos Vander Velpen – Jutte van de Werff Ten Bosch – Patrik Vankrunkelsven – Myriam Vanlerberghe – André Van Nieuwkerke – Dirk Verhofstadt – Marieke Vervoort – Julien Vrebos – Walter Zinzen.

Lees hier het artikel van Johan Braeckman, Jurgen Slembrouck, Wim Distelmans, Manu Keirse, Rick De Leeuw en ruim meer dan 160 co-auteurs (hier). Wie zich kan vinden in de inhoud van deze tekst, kan mee ondertekenen, samen met 4723 anderen http://eerbied.be

Gesluierde beginselen - "Opheffen hoofddoekenverbod strijdig met ware socialisme"

Etienne Vermeersch

Dat de SP.A in haar nieuwe beginselverklaring het hoofddoekenverbod begraaft, gaat er bij Etienne Vermeersch niet in. En al zeker niet dat die ommezwaai alleen ondersteund wordt met holle slogans.

Wat men ook, na alles wat in de twintigste eeuw gebeurd is, over het marxisme moge denken, men kan er niet om heen dat het Charter van Quaregnon, de beginselverklaring van de Belgische Werkliedenpartij (1894), een indrukwekkend document was.

Etienne Vermeersch: "Ik, conservatief? Wel, wel"

Etienne Vermeersch

"Wil columnist Fikry El Azzouzi argumenten op tafel leggen?", schrijft Etienne Vermeersch, professor-emeritus aan de Universiteit Gent, vandaag als antwoord op de column van Fikry El Azzouzi, die gisteren in de krant verscheen.

 

Beste Fikry El Azzouzi,
U bent er inderdaad in geslaagd mij een tekst van u te doen lezen. Vermoedelijk voor de laatste maal. U schrijft immers de ene onwaarheid na de andere: