Postscriptum over de god van het christendom

Etienne Vermeersch

Wanneer ik over het bestaan van "God" spreek, preciseer ik altijd dat ik het over "de God van het christendom" heb. Dat heeft uiteraard een reden. De godsbegrippen van de diverse culturen en, binnen onze cultuur, van vele individuen, zijn zo gevarieerd dat daarover in het algemeen in positieve of negatieve zin niets te zeggen valt. Onder degenen die zich nu nog christen noemen, zijn er heel wat die vinden dat ze zelf kunnen bepalen wat christendom is en wat de term God daarin betekent.

Mijn critici vertrekken vaak van een idiosyncratische visie op God en een al even idiosyncratische visie op het christendom ("idiosyncratisch" betekent "heel bijzonder en eigenzinnig"). Meestal expliciteren ze die visies niet, maar zodra ze daar een poging toe wagen, blijkt al snel dat het niet om één (de) "hedendaagse" opvatting gaat, maar over een hele waaier van opvattingen.

Die critici drukken zich dan soms neerbuigend uit over mijn onwetendheid betreffende die actuele stromingen. Maar ik ken natuurlijk Bultmann, Robinson, Tillich, Schillebeeckx, en ga zo maar door; ik ken de opvattingen van talloze exegeten van het Oude en Nieuwe Testament, inclusief die van de meest recente auteurs betreffende het leven van Jezus.

Kort vertoog over de god van het christendom - waarom de god van het christendom niet kan bestaan

Etienne Vermeersch

In de meest strikte zin van het woord bestaan er geen absolute zekerheden. We weten allemaal dat een mens in een toestand van krankzinnigheid kan komen waarin hij waandenkbeelden niet van waarheid kan onderscheiden. Zo iemand kun je er op het moment van zijn waan niet van overtuigen dat hij verkeerd zit. Wanneer wat ik nu beleef en schrijf een waandenkbeeld zou zijn, zou ik het zelf niet weten; maar dat geldt voor ieder van ons op ieder moment. Absolute zekerheid kan niemand dus hebben. Het heeft in de praktijk echter weinig zin met deze beperking rekening te houden, want dat zou ons niets vooruit helpen.

​​​​​​​Etienne Vermeersch

Etienne Vermeersch over homeopathie en andere new-agenonsens: 'tevredenheid bewijst niets'

Etienne Vermeersch over homeopathie en andere new-agenonsens: TEVREDENHEID BEWIJST NIETS

24 JANUARI 2004 | Gilbert Roox

De Standaard I Interview

Werkt homeopathie of zit het alleen tussen de oren? En waarom is het dan toch zo populair? Omdat de wetenschap de wereld van zijn tover heeft beroofd? En kan de mensheid wel overleven zonder verhaaltjes die zin en kleur geven aan het bestaan? Een interview met professor Etienne Vermeersch, beroepsscepticus. ,,Straks zullen we ook voetlezen, piskijken en zelfs wijwater moeten terugbetalen.''

HUIS van Oostenrijk, heet zijn straat aan de rand van Wetteren. ,,En ik heb er weleens aan gedacht mijn eigen huis Villa Habsburg te dopen'', zegt professor emeritus Etienne Vermeersch. Zijn werkkamer ziet eruit als een omgevallen boekenmagazijn. Kunst, kerkvaders, euthanasie, Hitler, recht, paranormale verschijnselen: Vermeersch is een omnivoor. Tussen de stapels boeken en mappen blijft er nauwelijks ruimte om te zitten. ,,En dan heb ik nog opgeruimd'', zegt de moraalfilosoof fijntjes.

In mei wordt Vermeersch zeventig, maar hij is nog altijd een bezige bij, alomtegenwoordig in het mediadebat. Het gesprek vandaag gaat over alternatieve geneeskunde en andere new-agenonsens. 
 

Hoezo, christelijke waarden?

Etienne Vermeersch

De ontwikkeling van de wetenschappen, vooral sinds de zestiende eeuw, is in essentie te danken aan de Griekse wis- en natuurkunde, aangevuld met de Arabische rekenkunde en algebra. Het christendom heeft daar niets mee te maken. Etienne Vermeersch

 

Hoezo, christelijke waarden?

In opiniebijdragen over de christelijke waarden en de Europese grondwet werd de vraag gesteld of God nu taboe is. Mij valt een veel ernstiger taboe op: dat van de historische waarheid. 

Een eerste thema betreft de wortels van onze beschaving. Niemand betwist dat de Grieks-Romeinse cultuur en het christendom de basis gevormd hebben, met een Germaanse en een Slavische inbreng. Maar als je binnen deze invloeden gaat zoeken naar de doorslaggevende factor die onze beschaving gebracht heeft tot de unieke internationale positie die ze in de twintigste eeuw heeft bereikt, dan is het antwoord zonder meer: de wetenschap. De ontwikkeling daarvan, vooral sinds de zestiende eeuw, is in essentie te danken aan de Griekse wis- en natuurkunde, aangevuld met de Arabische rekenkunde en algebra. Het christendom heeft daar niets mee te maken.

Etienne Vermeersch

Er was ook de impact van de techniek en de kapitalistische economie, maar ook daarvan zijn de christelijke wortels ver te zoeken. Die wetenschap leidde tot een nieuwe filosofie in de zeventiende en de achttiende eeuw, waarbinnen ook de ideeën over onder meer vrijheid, gelijkheid en volkssoevereiniteit hun huidige betekenis kregen. Net zoals met de wetenschap fungeerde de christelijke traditie hier essentieel als een dominante structuur waartegen men zich afzette. In algemene regel is het onjuist dat de godsdiensten eeuwenlang de ,,intellectuele software'' leverden voor hun maatschappijen, maar als je de rol van ,,steen des aanstoots'' ook een bijdrage noemt, geldt dat wel enigszins voor het christendom.

De tweede vraag betreft de invloed van de ,,christelijke waarden'' op het verloop van de geschiedenis. Dat alle mensen voor God (Amon) gelijk zijn, zei men in Egypte al in 2000 v.C.: ,,Ik maakte de grote overstroming zodat de arme man er zijn deel van zou hebben zoals de rijke man; ik maakte iedere mens zoals zijn medemens.'' Ook de naastenliefde en de werken van barmhartigheid (de hongerigen spijzen, de dorstigen laven, de naakten kleden...) waren daar al gangbaar rond 1000 v.C.. "Bemin uw vijanden" vinden we vanaf de zevende eeuw v.C. zowel in Egypte als in Babylonië, en rond 500 v.C. kende men in China de Gulden Regel "doe een ander niet aan wat je niet zou willen dat die andere jou aandoet''. Een paar eeuwen vóór Christus verkondigden de stoïcijnen al dat wij allen in menselijke waardigheid gelijk zijn en dat wij een algemene mensenliefde (filanthropia) moeten nastreven.

Hiermee wil ik de bijdrage van de evangeliën niet minimaliseren. In twee parabels, Mattheus, 25, 31-46 en Lucas, 10,30-37, worden die waarden zo mooi geformuleerd dat ze veel mensen hebben ontroerd en beïnvloed; en tijdens de eerste drie eeuwen onderscheidde het christendom zich op markante wijze door caritatieve activiteiten (wat we thans ook bij islamitische groepen vaststellen) en vooral door een radicaal pacifisme.

Maar dat is niet het hele verhaal. Heel vroeg al vertoonde het christendom ook inhumane trekken: de haat tegen joden en ketters, de ondergeschikte positie van de vrouw en vooral: de goedkeuring van de slavernij. En toen de Kerk in de vierde eeuw een alliantie aanging met de staat, raakte (in het Westen) de liefdadigheid op het achterplan en werd het pacifisme overal vervangen door een verheerlijking van het geweld. Van dan af werden massa's heidenen, ketters, joden, moslims, protestanten, katholieken, noem maar op, in naam van het geloof vervolgd of vermoord. De bloedige godsdienstoorlogen van de zestiende en zeventiende eeuw en de uitbuiting en uitroeiing van ,"wilden" in de kolonies, met de missionering als excuus, vormden wel absolute dieptepunten, maar genocide onder christenen bleef tot het eind van de twintigste eeuw in Europa een gruwelijke realiteit.

Een tweede eeuwenlange negatie van de zogenaamd christelijke waarden van vrijheid, gelijkheid en liefde, was het instandhouden van de slavernij. In de bijbel, maar ook bij de kerkvaders en theologen tot in de zeventiende eeuw, werd dit instituut aanvaard en verdedigd. Vanaf de vijfde eeuw was de kerk de grootste slavenhouder van Europa en zelfs toen de slavernij in het noorden om economische redenen verdween, bleef die in Zuid-Europa bestaan: priesters, kloosterlingen, bisschoppen en zelfs de paus hadden tot ver in de achttiende eeuw slaven.

De handel in negerslaven (zestiende tot achttiende eeuw), zo mogelijk nog gruwelijker dan de holocaust, was volledig in handen van christenen en gebeurde met kerkelijke goedkeuring. In de zo bijbelvaste Verenigde Staten verdween de slavernij pas na een bloedige burgeroorlog (1865) en in Zuid-Amerika hadden ook kloosters nog slaven tot ver in de negentiende eeuw. In het orthodoxe Rusland werd de slavernij al in 1881 afgeschaft, maar in het katholieke Brazilië gebeurde dat pas in 1888. Als er achttien eeuwen nodig waren vooraleer al die gelovigen, zowel leken als hiërarchie, tot het inzicht kwamen dat slavernij een onduldbare aantasting was van de menselijke waardigheid, dan is er met dat christelijke erfgoed wel iets misgelopen. En waar waren de liefde en de verdraagzaamheid toen de joden eeuw na eeuw door die christenen werden vernederd, vervolgd en vermoord? Moeten we herhalen dat de Shoah plaatsvond in een land dat in verpletterende meerderheid katholiek of protestants was, zonder dat de hoogste kerkelijke leiders daar ook maar iets tegen inbrachten?

Wie verder nog het lijstje afloopt van de kruistochten, de inquisitie, culminerend in het levend verbranden van onschuldige heksen, de onderdrukking van de vrouw, het onbegrip voor de sociale problemen in de negentiende eeuw, enzovoorts, kan niet anders dan besluiten dat geen enkele godsdienst, ideologie of beweging, door de geschiedenis heen een zo breed spoor van bloed en tranen, van verdrukking en uitbuiting, van dood en vernieling achter zich gelaten heeft, als het christendom.

Ik betwist niet dat het evangelie nu en dan voor christenen een inspiratiebron geweest is om zich in te zetten voor hun medemens, maar de keerzijde van de medaille is zo verschrikkelijk dat er weinig reden is om naar die christelijke waarden te verwijzen als een uniek erfgoed waarop we fier zouden mogen zijn.

In de ethische tradities die vanuit Egypte en Babylonië, via joods-christelijke en Grieks-Romeinse overlevering tot ons zijn gekomen, zitten waardevolle elementen. Maar de god van het christendom heeft daar geen alleenrecht op, en wij allen, kinderen van deze beschaving, moeten vooral beschaamd zijn dat onze voorouders er, doorheen die hele geschiedenis, zo weinig respect voor betoond hebben.

Misschien is nu de tijd gekomen om ze niet langer als pionnen op het schaakspel van ethische discussies te zien, maar om ze nu eens eindelijk, in hun Verlichte formulering, voor ons continent en voor de wereld, tot hun recht te laten komen.

Referenties:

tekst van de europese grondwet GrondwetEuropa.nl EUGrondwet.nl

Waar komt de idee van een ziel vandaan?

Etienne Vermeersch

De ziel, een fictief product van menselijke noden en behoeften doorheen de geschiedenis. 

Bij de kultuurvolkeren waarmee wij het dichtst verwant zijn bestaat er vanaf het begin van hun literatuur een "atman" (adem) in het Sanskriet, een "psychè" in het Grieks, een "anima" in het Latijn, een "ruach" in het Hebreeuws, een "aralou" in het Babylonisch, enz..

Het Scheermes van Ockham ('de meest eenvoudige verklaring is meestal de beste')

Etienne Vermeersch

Wanneer je een fenomeen kunt verklaren door de werking van drie krachten, is het niet nuttig er ook nog een vierde (overbodige) kracht bij te veronderstellen. 

Het scheermes van Ockham is een vuistregel die zegt: "je moet het aantal zijnden niet groter maken dan nodig" ("entia non sunt multiplicanda praeter necessitatem"). Bijvoorbeeld wanneer je een fenomeen kunt verklaren door de werking van drie krachten, is het niet nuttig er ook nog een vierde bij te veronderstellen. Kortom de meest eenvoudige verklaring is meestal de beste. Soms kan dat eens anders uitvallen, maar dan merk je dat wel bij verder onderzoek.

De vrouw in de islam

Etienne Vermeersch
Pixabay - Islam Vrouw

Nu en dan hoort men losse beweringen uiten over voor en tegen van bepaalde godsdiensten en van de maatschappelijke invloed die ze in positieve of negatieve zin gehad hebben. Het is bijzonder frustrerend die te moeten lezen omdat, wanneer ze uit hun verband worden gerukt, ongeveer tot alle mogelijke conclusies aanleiding geven. Daarom heb ik, aangezien dit thema telkens weer aan de orde komt, een studie gemaakt van de positie van de vrouw in de Islam.

THE LOURDES EFFECT (English)

The number of fatal accidents to and from Lourdes in France is higher than the 67 so-called miracles, which in 2005 are only recognized by the Vatican.

Etienne Vermeersch

 

THE LOURDES EFFECT 

The skeptical interpretation of The Lourdes Effect concept was first elaborated upon by the Belgian philosopher of science and skeptic Etienne Vermeersch (1934-2019). Vermeersch uses the term in an ironic way to refer - apparently paradoxically - to a non-existent effect, namely the paranormal or miraculous as a supposed supernatural effect for which there is in fact just as much a naturalistic explanation (see also Ockham's razor). There are no clear concepts, verifiable observations and conclusive evidence in stories that suffer from what Vermeersch calls The Lourdes Effect. With the term he points to the problem of verification and falsification of so-called miracles of Lourdes, as well as the tendency of the believer to immunize himself by making vague or ambiguous and thus unverifiable claims before objective researchers: the existing testimonies about alleged miracles are often accompanied by vague observations or unverifiable personal anecdotes that are not based on scientific evidence.

Since the late 1960s, Vermeersch has profiled himself as a skeptic, both in the media and at the universities, where he lectures or debates the subject. He describes this as follows: 'Finally, it is worth noting that one can question strange stories characterized by what I like to call The Lourdes Effect...No one has ever gone to Lourdes without an arm and returned with an arm. The Lourdes Effect is that some 'forces' seem to have a kind of reluctance to manifest themselves in a completely unambiguous way. If the miraculous power of Lourdes really exists, there is no reason to think that it would be more difficult for Mary or for God to mend a severed arm than to heal a (hysterical?) paralysis or blindness. Also the observations and photos of eg. the "Loch Ness Monster", the "Abominable Snowman" (Yeti), and UFOs seem to lose fidelity and sharpness to a similar effect.'

Skeptics also link the concept to the selective critical thinking of some believers, better known as cherry picking : the 'hits' are remembered the 'misses' are ignored. Vermeersch noted, for example, that the number of fatal accidents to and from Lourdes in France is higher than the 67 so-called miracles, which in 2005 are only recognized by the Vatican. The criticism of the (alleged) miracles of Lourdes is probably as old as the pilgrimages themselves, but the critical angle has never been brought forward in such a systematic way as by Vermeersch.

A very early example of what Etienne Vermeersch will later define and elaborate can be found in Le Jardin d'Epicure by the French writer and Nobel laureate Anatole France (1894), albeit not yet under the term Lourdes Effect: All those canes, braces and crutches, and not a single glass eye, wooden leg, or toupee! A critical elaboration of the Lourdes argument can be found in the work 'Soul Searching' (US edition: 'Leaps of Faith') by the renowned psychologist Nicholas Humphrey from 1995. Humphrey calls it the Argument from Unwarranted Design and applies it mainly to the vague claims from parapsychology and Intelligent Design. The world-renowned skeptic and magician James Randi uses the term Lourdes Effect in the wake of and in the same sense as Etienne Vermeersch, as does Belgian columnist Hugo Camps.

HET LOURDES-EFFECT (Nederlands)

Etienne Vermeersch

HET LOURDES-EFFECT

De term Lourdes-effect (in een sceptische context) is bedacht door de Belgische wetenschapsfilosoof en scepticus Etienne Vermeersch. Het Lourdes-effect bestaat hierin dat sommige 'krachten' een soort huiver schijnen te hebben om zich op een volstrekt ondubbelzinnige manier te manifesteren. Wanneer de miraculeuze kracht van Lourdes echt bestaat dan is er geen enkele reden om te denken dat het voor de Heilige Maagd of voor God moeilijker zou zijn een afgerukte arm te herstellen dan een (hysterische?) verlamming of blindheid te genezen. Ook de waarnemingen en foto's van bijvoorbeeld het Monster van Loch Ness, UFO's en de Afschuwelijke Sneeuwman (Yeti) lijken door een vergelijkbaar effect aan betrouwbaarheid en scherpte in te boeten. 

Vermeersch gebruikt deze term om de selectieve, ontransparante en onkritische benadering van miracelen te doorprikken.

Sceptici zoals Vermeersch wijzen er ook op dat het aantal dodelijke ongevallen die zich voordoen op de weg van en naar Lourdes aanzienlijk hoger ligt dan de 67 vermeende wonderen door gebedsgenezing die in 2005 door het Vaticaan erkend werden.

Wetenschappelijke apriori's tegenover het paranormale

Ons vertrouwen in het kerngebied van de wetenschappen zal slechts dan gaan wankelen, wanneer feitenmateriaal betreffende het paranormale wordt aangedragen dat zich met een verpletterend evidentiekarakter opdringt. Tot nu toe hebben we echter moeten vaststellen dat beweringen van die aard eerder zijn gekenmerkt door wat ik het Lourdes-effect noem.

Etienne Vermeersch

 

Wetenschappelijke apriori's tegenover het paranormale

In hetgeen volgt pogen we duidelijk te maken waarom het voor iemand met een rationele, wetenschappelijke instelling moeilijk valt om berichten over waarnemingen betreffende paranormale fenomenen voor waar aan te nemen.

Etienne Vermeersch