De verwezenlijkingen van Etienne Vermeersch: Johan Braeckman in De Afspraak

Etienne Vermeersch (Ed. Johan Braeckman & Dirk Verhofstadt)

Met het overlijden van Etienne Vermeersch (1934-2019) is een zeer grote bibliotheek aan kennis en wijsheid teloorgegaan. Als vertrouwelingen hadden Johan Braeckman en Dirk Verhofstadt vooraf de toestemming van Prof. Vermeersch en zijn vrouw Josiane gekregen om na zijn dood te snuisteren tot in de oudste files van zijn computer.

Etienne Vermeersch: De Zevende Dag (unieke beelden)

Johan Braeckman en co.

Etienne VERMEERSCH: De Zevende Dag 

Met dank aan VRT NWS voor het vrijgeven van deze exclusieve beelden voor de officiële websites van Prof Etienne Vermeersch. Bronvermelding: Beelden VRT NWS © - De Zevende Dag, 2019.

 

Johan Braeckman - Official Page #EtienneVermeersch #dezevendedag De Zevende Dag

Sinds wanneer heeft de Kerk eerbied voor het leven?

Etienne Vermeersch

De Dijn vindt dat het de Kerk is die garant staat voor de absolute waarde van elk mensenleven. Komt hij van de planeet Mars? - Etienne Vermeersch

De vrijheid van meningsuiting heeft haar rechten

Etienne Vermeersch

We moeten terughoudend zijn als we de vrijheid van meningsuiting willen aanpakken, vindt Etienne Vermeersch. Om meer dan één reden.

De Standaard - Opinie — De inzichten over het belang van vrijheid van meningsuiting zijn in Europa vooral ontstaan ten gevolge van de Dertigjarige Oorlog, in de zeventiende eeuw. Talloze mensen hadden toen het leven verloren in gevechten die in essentie betrekking hadden op de vraag wat de juiste vorm van christendom was: de protestantse of de katholieke. Pierre Bayle stelde vast dat er aan beide zijden intelligente en deugdzame mensen waren, die toch van mening verschilden over die centrale vraag. Blijkbaar was het antwoord daarop niet evident. Het principe dat alleen de waarheid rechten heeft en de leugen niet, was in deze context niet vol te houden. Er was immers geen absolute neutrale instantie die kon beslissen wat de waarheid was. Door vrijheid van meningsuiting kunnen alle opinies aan bod komen en alleen dat maakt het mogelijk dat uiteindelijk de waarheid komt bovendrijven.

Uitgaande van dit basisargument, komt men tot de wezenlijke vraag of die vrijheid ook grenzen kent. Vanuit een moreel uitgangspunt ligt het voor de hand dat we het goede nastreven en het kwade afwijzen. In verband met een maatschappij-ordening gaan we echter niet zover dat alles wat immoreel is, ook wettelijk verboden wordt. Ontrouw in vriendschappen, leugen, vernederende opmerkingen... verdienen onze afkeuring maar worden niet door de strafwet beteugeld.

Volgens de Koran is God barmhartig (dus ook voor dieren)

VERDOOFD SLACHTEN HOEFT HELEMAAL NIET PROBLEMATISCH TE ZIJN

Onlangs besliste de Raad van State dat een verbod op onverdoofd slachten in strijd is met de godsdienstvrijheid. Maar dat zo’n verbod een moslim in gewetensnood brengt, is compleet onwaar, schrijft Etienne Vermeersch. Dat staat zo in de Koran, en wel meermaals.

Door in te stemmen met een humanere wetgeving inzake slachten, zou de Moslimexecutieve aan iedereen kunnen duidelijk maken hoe centraal de barmhartigheid van God in zijn geloof staat.

 

In de Bijbel noch in de Koran is de huidige wijze van slachten voorgeschreven. Verdoofd slachten kón ook niet verboden worden: de huidige techniek bestond niet eens

Etienne Vermeersch

Wie op Google ‘If this is kosher…(long)’ intikt, krijgt een Youtube-filmpje te zien van een goede 11 minuten. Het is gemaakt door de joods-Amerikaanse schrijver Jonathan Safran Foer en zijn betoog wordt ondersteund door zowel orthodoxe als conservatieve rabbijnen. Het is moeilijk om tot het einde te blijven kijken, maar wie een stem wil hebben in het debat over onverdoofd slachten, moet dat zeker doen.

Het beeldmateriaal is opgenomen in koosjere slachthuizen, vooral bij Agriprocessors, het grootste koosjere slachthuis van de wereld. Safran Foer zegt dat de afgrijselijke beelden die je te zien krijgt, geen uitzondering vormen. Integendeel, nadat de hals van de koe is opengesneden ‘volgens de regels van de kunst’, blijft het dier in 20 procent van de gevallen bewust, soms meerdere minuten. Het is allicht mogelijk deze vorm van slachten iets efficiënter en minder gruwelijk te maken, maar alleen verdoofd slachten schakelt deze ontsporingen en dus ten minste deze vorm van dierenlijden met zekerheid uit.

Slavernij

Ik weet niet of de leden van de Raad van State die een algemene verplichting van verdoofd slachten strijdig vinden met de mensenrechten (DS 30 juni), deze video gezien hebben. Beseffen zij dat 20 procent van de miljoenen onverdoofde slachtingen wereldwijd zoveel zinloos dierenlijden inhoudt, dat al wie daar enige verantwoordelijkheid voor draagt, onder de grond zou moeten zinken van schaamte?

Tegenover dit lijden leggen zij de godsdienstvrijheid in de balans. Maar in de Bijbel noch in de Koran is de huidige wijze van slachten voorgeschreven. Overigens kon verdoofd slachten daar onmogelijk verboden worden, omdat de huidige techniek niet eens bestond. De actuele details van ritueel slachten zijn in de loop der tijden gepreciseerd in de Talmoed en de Sharia, maar die kunnen aangepast worden aan het algemene ethische aanvoelen van onze tijd. Dat is bijvoorbeeld gebeurd met de voorschriften inzake slavernij: noch door joden noch door moslims (behalve IS) worden die momenteel nog toegepast. Ook inzake slachting gebeurt dat: vlees van dieren die onder verdoving geslacht zijn, wordt vanuit Nieuw-Zeeland naar moslimlanden uitgevoerd.

In verband met de Koran moeten we op het volgende wijzen. Van de acht passussen waarin de regels voor halal voedsel besproken worden, zijn er vijf waarin uitdrukkelijk staat dat wie ertoe genoopt wordt die te overtreden, zich geen zorgen hoeft te maken. Viermaal wordt er bij vermeld: ‘God is vergevend en barmhartig’. Het is dus volkomen onjuist dat een verbod op onverdoofd slachten een echt gelovige moslim in gewetensnood kan brengen. Het verwondert mij dan ook dat de Moslimexecutieve deze gelegenheid niet aangrijpt om, door hun instemming met een humane wetgeving, aan iedereen duidelijk te maken dat Gods barmhartigheid een centraal geloofspunt van de islam is: iedere soera (behalve de 9de) begint immers met de woorden: ‘In naam van God de barmhartige, de erbarmende’. Waarom zou die barmhartigheid zich niet tot het dierenwelzijn uitstrekken?

 

Als men het immense dierenleed in de balans legt tegenover een praktijk die in geen enkele Openbaring is voorgeschreven, lijkt het me irrationeel te weigeren kennis te nemen van alle relevante gegevens. Het zou het Vlaams Parlement sieren deze uitspraak van de Raad van State met de mantel van Noach te bedekken.

Etienne Vermeersch

 

Besnijdenis

Nu weet ik wel dat het in de Raad van State, en ook bij andere juristen, gangbaar is te stellen dat men zich niet in theologische discussies mag mengen. Dat hoeft ook niet, maar bewuste onwetendheid verheerlijken, is iets helemaal anders. Er zijn voorschriften in de islam die manifest strijdig zijn met onze normen, zoals die over het gezag van de man over zijn echtgenote, en andere waarbij dat minder evident is, zoals die over de hand niet drukken van iemand van het andere geslacht. Als de overheid daarin regelend optreedt, dan is het zinvol dat men het relatief belang van onze norm afweegt tegenover het belang van een regel binnen een bepaalde godsdienst. Hoewel er bijvoorbeeld ernstige bezwaren zijn tegen besnijdenis van minderjarigen, is het beter dat niet onmiddellijk te verbieden, omdat dit – voor jongens – heel centraal is binnen de godsdienst. Voor de besnijdenis van meisjes geldt aan beide zijden het tegenovergestelde. Als men het immense dierenleed in de balans legt tegenover een praktijk die in geen enkele Openbaring is voorgeschreven, lijkt het me irrationeel te weigeren kennis te nemen van alle relevante gegevens. Het zou het Vlaams Parlement sieren deze uitspraak van de Raad van State met de mantel van Noach te bedekken.

Prof. Etienne Vermeersch in discussie met politicus Bart De Wever (Reyers Laat, 2015)

Inleiding — Aangezien mijn gesprek met Bart De Wever op Reyers Laat van 3 april 2015 tot een groot aantal reacties geleid heeft op sociale media, vond ik het mijn plicht die te lezen en enig commentaar te geven:

1. Mijn strikte definitie van racisme.

2. Andere vormen van discriminatie (zoals xenofobie, homofobie, misogynie, enz).

3. Mijn verwijzing naar de devaluatie door Martens V.

4. Iemand vindt dat ik het woord ‘neoliberalisme’ verkeerd gebruik.

5. De vorm van nationalisme die de N-VA voorstaat.

6. Ik dacht dat mijn visie op nationalisme duidelijk werd uitgelegd:

Ik ben voorstander van solidariteit in opeenvolgende concentrische cirkels. Familie, buurt, werkomgeving, gemeente, Vlaanderen, België, Europa en uiteindelijk, (in tegenstelling met BDW) de wereldgemeenschap. Ik sluit dus een bijzondere affiniteit voor bv. Vlaanderen niet uit, als die maar geen negatief uitsluitingscachet heeft  Etienne Vermeersch

Etienne Vermeersch, 5 mei 2015

(klik op: lees meer...)

Het morele statuut van het embryo (bis) - Van hellend vlak naar goede balans

Het morele statuut van het embryo (bis) Van hellend vlak naar goede balans

Respect voor alle stadia van een mensenleven, Etienne Vermeersch vindt dat een belangrijk en dwingend gegeven. Alleen is het nooit absoluut: de invulling ervan hangt samen met hoe een samenleving evolueert, ook in haar denken over ethische kwesties.

Etienne Vermeersch I De Standaard - Opinie, 22 april 2014

— De Vlaamse rectoren nemen gezamenlijk de verdediging op van het wetenschappelijk onderzoek inzake embryo's en verzetten zich tegen het burgerinitiatief One of us, dat de Europese Commissie oproept dit onderzoek te verhinderen (DS 10 april). Collega Herman De Dijn (DS 19 april) geeft toe dat de rectoren terecht verwijzen naar de vooruitgang op medisch gebied die deze experimenten tot stand kunnen brengen. Hij vindt echter dat ze aan de kern van de zaak voorbijgaan: 'Als het menselijk embryo, ook al is het slechts potentieel menselijk leven, dezelfde waardigheid heeft als een mens, en als menselijke waardigheid niet toelaat dat welke mens dan ook tot louter middel gereduceerd mag worden, dan zijn de argumenten van de rectoren naast de kwestie.' Hij lijkt zelfs te suggereren dat de rectoren zich laten leiden 'door naïviteit ten aanzien van de mogelijke al dan niet bedoelde neveneffecten van de vooruitgang'.

Ik kan hem op dat vlak geruststellen. De problematiek van het statuut van het embryo in verband met experimenten is maandenlang het voorwerp van een diepgaande discussie geweest binnen het Raadgevend Comité voor Bio-ethiek. Het verslag hiervan staat in het 'Advies' van 16 september 2002 (Zie De Adviezen van het Belgisch Raadgevend Comité voor Bio-ethiek 2000-2004). Ikzelf heb in mijn laatste boek, Provençaalse gesprekken, een analyse voorgelegd van het statuut van het embryo, waarin ik al de thema's die De Dijn naar voren brengt, bespreek. Hij houdt met dit alles geen rekening en evenmin met de discussies op het internationale vlak. Hij beperkt zich tot retorische vragen 'moet niet, naar analogie van het ongeboren leven ook aan embryo's een speciale waardigheid toegekend worden?', hypothetische formuleringen 'Als...als...' of dogmatische uitspraken: 'En dat alleen mensen die bekwaam zijn tot (bepaalde vormen) van bewustzijn menselijke waardigheid bezitten, is gewoon onjuist.' Een antwoord op die vragen of een fundering van die uitspraken legt hij niet voor. Hij heeft gelijk als hij betoogt dat de speciale waardigheid die aan mensen toekomt, niet door wetenschap aangetoond of ontkend kan worden. Hij maakt echter niet duidelijk waar we dan wel uitsluitsel kunnen vinden over de reikwijdte van deze waardigheid en de fundering ervan.

Van de Oudheid tot nu

Normen en waarden staan niet in de sterren geschreven. Ze bestaan ook niet op zichzelf. Waarden worden dooreen en uiteindelijk door de mensengemeenschap toegekend en de normen die eruit voortvloeien, uiten zich in al dan niet expliciete morele voorschriften of juridische regels, die binnen maatschappijen tot stand komen.

Het statuut van de slavernij, bijvoorbeeld, is in wezen niets anders dan het reduceren van medemensen tot louter middel. Toch hebben noch de voornaamste denkers van de Oudheid (met uitzondering van Philo van Alexandrië), noch het Oude of het Nieuwe Testament, noch de christelijke Kerkvaders en theologen tot de 16de eeuw, ingezien dat dit een verregaande aantasting was van de menselijke waardigheid. Ook bij de theologen van de islam is die bedenking nooit opgekomen. De verklaring is dat binnen de maatschappijen waarin ze leefden, het besef van de omvang die deze waardigheid kan krijgen, nog niet tot stand gekomen was.

In verband met het statuut van het embryo stel je een vergelijkbare evolutie vast. Uit de ethische en juridische teksten van het Oude Nabije Oosten blijkt dat de ongeboren vrucht als eenobject werd beschouwd (de waarde was ongeveer die van een ploeg). Dit geldt ook voor het Oud Testament (Ex. 21, 22-23 is de enige passus uit de hele Bijbel die voor het statuut van embryo en foetus expliciet relevant is).

In zeer veel culturen hing de opname in de mensengemeenschap af van een beslissing van de ouders, of van de vader alleen (zoals het geval was in Rome). Bij Aristoteles komt de vraag naar voren wanneer het embryo 'vorm' krijgt, 'bezield' wordt (na 40 dagen voor een jongen, na 90 dagen voor een meisje). Deze opvatting leidt dan in het christendom, via die formulering van Ex. 21, 22-23 tot het onderscheid tussen een 'gevormde foetus' (foetus formatus), na 40 of 90 dagen en een 'ongevormde' (foetus informis) daarvoor. Doorheen de bijna unanieme christelijke traditie werd alleen de abortus van een foetus formatus als moord beschouwd. De foetus informis was dus geen mens. Pas in 1869 schafte de Kerk dat onderscheid af.

Stoffelijke resten en hoe ermee om te gaan

Dat normen en waarden hun oorsprong en grondslag vinden in een maatschappelijke meerderheid of consensus, blijkt ook uit de recente ontwikkelingen inzake abortus, in-vitrofertilisatie of pre-implantatiediagnostiek. Het nadenken daarover door ethici en andere betrokkenen heeft langzamerhand geleid tot het besef dat de vragen in dit verband niet op te lossen zijn vanuit de alles-of-nietspositie die collega De Dijn soms suggereert. Je hebt niet ofwel de volledige menselijke waardigheid, ofwel helemaal niets. De eerbied tegenover het stoffelijk overschot van mensen, waarover De Dijn zinnige dingen zegt, toont hetzelfde aan. Hoewel een lijk geen mens meer is, heeft het toch nog deel aan de menselijke waardigheid, maar niet op een absolute wijze. We aanvaarden ingrepen op een lijk bij een autopsie om juridische redenen, bij anatomie-onderwijs (via voorafgaande goedkeuring) en voor transplantaties (via impliciete goedkeuring).

Bij onderzoek van het embryo en de foetus kan je vaststellen dat er tussen vroegere en latere stadia verschillen zijn inzake de waarschijnlijkheid dat er uiteindelijk een mens geboren wordt, inzake de structuurgelijkheid tussen, bijvoorbeeld, een vroeg embryo en een late foetus en inzake de afhankelijkheid van een specifieke omgeving: een foetus van 30 weken kan buiten de baarmoeder tot een kind uitgroeien, een embryo van 8 weken niet. In het eerder vermelde artikel toon ik aan hoe je, op basis van die gegevens, tot een ethische appreciatie betreffende het statuut kan komen. Hiervan uitgaande kan je dan de relatieve mate van beschermwaardigheid van embryo en foetus afwegen tegen het belang van de bedoelde experimenten voor het algemeen menselijk welzijn. Meer en meer mensen nemen nu aan dat bepaalde experimenten op het pre-embryo, na een dergelijke afweging toelaatbaar en zelfs gewenst zijn.

Het is niet helemaal fair te suggereren dat onze onderzoekers, en de rectoren die hen ondersteunen, geen rekening zouden houden met de genuanceerde betogen die over deze thematiek bij ons en elders werden gehouden.

Respect voor alle stadia die naar het leven van een mens leiden, en ook voor de stadia na dat leven, moet zeker een belangrijke waarde binnen de mensengemeenschap blijven; maar dat respect is geen monolithisch blok. We moeten het telkens weer in de balans leggen met het respect voor andere maatschappelijk relevante waarden.

professor Etienne Vermeersch,

ethicus

Legalisering euthanasie bij dementie - Prof. Etienne Vermeersch (bio-ethicus)

Legalisering euthanasie bij dementie - Prof. Etienne Vermeersch (bio-ethicus)

Over euthanasie bij minderjarigen en bij dementie. Is palliatieve sedatie een vorm van trage euthanasie? Over kerk en weerstand, en Hugo Claus. Wat Prof. Etienne Vermeersch nog wilde realiseren, inperken en legaliseren inzake het levenseinde.

Etienne Vermeersch over vaccineren

Etienne Vermeersch

Dit opiniestuk van Etienne Vermeersch is een reactie op een eerdere discussie tussen journalist Bart Eeckhout en filosoof en theoloog Hans Van Eyghen. Vandaar de verschillende onderwerpen waarop Vermeersch hieronder reageert. U kunt de oorspronkelijke discussie vinden op de website van De Morgen (klik op links infra). 

 

Het niet-vaccineren kan tot gevolg hebben dat de ziekte (endemisch) aanwezig blijft en dus medemensen in gevaar brengt.

Etienne Vermeersch

 

Opinie - De Morgen 3 november 2013 

Etienne Vermeersch

"Inenting tegen ziektes is een kinderrecht", schreef Bart Eeckhout deze week in een standpunt in deze krant. Juist, al bood filosoof Hans Van Eyghen weerwerk in deze kolommen (DM 31/10).

 

Van Eyghen neemt Eeckhout terecht op de korrel wanneer die het heeft over "de onzin dat de mens naar het beeld van God geschapen is". De passus hierover in het boek Genesis werd reeds door Philo van Alexandrië (tijdgenoot van Jezus) geïnterpreteerd als het feit dat de mens gekenmerkt is door de rede. Met lichte variaties werd hij hierin gevolgd door Clemens van Alexandrië (+213), Origenes (+254), en, meer uitgebreid, door Basilius en Gregorius van Nyssa (3de eeuw).

De hele kerkelijke traditie is hen hierin gevolgd. Dit als kenmerk van de mens beschouwen, was zeker geen 'onzin'. Philo zelf was hiertoe geïnspireerd door de Stoïcijnse traditie, bv. Panaetius en Posidonius (3de-2de eeuw v.C.), die de grondslag legde van de ideeën over de menselijke waardigheid. Cicero (+ 43 v.C.) werkte die uit en in de renaissance speelden ze een doorslaggevende rol, die ook nu nog nawerkt (bv. De hominis dignitate van Pico della Mirandola, 1486).

Deze gegevens tonen echter ook aan dat Van Eyghen ten onrechte denkt dat de verwijzing naar mensenrechten in essentie een christelijke bijdrage is. De gelijkwaardigheid van alle mensen werd reeds in Egypte beklemtoond in 2000 v.C., waar de oppergod zegt: "Ik maakte de vier winden opdat iedere mens hiervan kan ademen zoals zijn naaste. Ik maakte de grote overstroming (van de Nijl, EV) opdat de arme man daarop rechten zou hebben zoals de rijke. Ik bracht de vier goden tot leven vanuit mijn zweet, maar de mensen uit de tranen van mijn oog."

'Ik heb niemand doen wenen'
Welke ethische plichten daaruit voortvloeien vinden we onder andere in het Egyptische Dodenboek (ca 1500 v.C.). "Ik heb de hongerigen gespijzigd, de dorstigen gelaafd; ik heb geen seks gehad met een knaapje; ik heb niemand doen lijden, ik heb niemand doen wenen...".

In de kerk zingt men nu "Niemand leeft voor zichzelf...", maar Seneca (+65) zei al: "alteri vivas oportet, si vis tibi vivere" (je moet voor een ander leven, als je voor jezelf wilt leven). Je hebt dus geen 'christelijk geloofspunt' nodig om het over rechten en waardigheid van de mens te hebben.

Verketterd
Van Eyghen gaat eveneens uit de bocht daar waar hij niet beseft dat het probleem van de vaccinatie in essentie betrekking heeft op de rechten van het kind. Volwassenen hebben in onze visie inderdaad het recht om een vaccin en zelfs een bloedtransfusie te weigeren. Vanuit een morele visie die terecht meer en meer ingang vindt, staat het hen niet vrij een minderjarige, zelfs al is het hun eigen kind, beschermende of levensreddende middelen te ontzeggen. Dat geldt zowel voor vaccinatie als voor bloedtransfusies.

Wie een maatregel die een brede consensus van de medische wereld als zeer belangrijk voorstelt, weigert te aanvaarden, mag inderdaad 'verketterd' worden. Dat is des te meer het geval daar het niet-vaccineren tot gevolg kan hebben dat de ziekte (endemisch) aanwezig blijft en dus medemensen in gevaar brengt.

 

Addendum: standpunt Vermeersch over vaccinatie

De volksgezondheid is een te groot goed om het aan het volk zelf over te laten. Denk aan wat er ten tijde van de algemene vaccinatie tegen kinderverlamming in Nederland gebeurd is. Uit naam van de godsdienstvrijheid stond de overheid een uitzondering toe voor religieuze minderheden. De Staphorst-mensen en zo. Gevolg: terwijl de kwaal in België helemaal uitgeroeid was, werden in Nederland nog altijd kinderen met kinderverlamming geboren. Ook vandaag hoor je sommige homeopaten tegen vaccinatie pleiten. Het zou onze afweer ondermijnen. Dat zijn gevaarlijke ideeën. Zonder vaccinatie blijven ziekten endemisch en kunnen ze elk moment weer de kop opsteken.

Etienne Vermeersch: "Ik, conservatief? Wel, wel"

Etienne Vermeersch

"Wil columnist Fikry El Azzouzi argumenten op tafel leggen?", schrijft Etienne Vermeersch, professor-emeritus aan de Universiteit Gent, vandaag als antwoord op de column van Fikry El Azzouzi, die gisteren in de krant verscheen.

 

Beste Fikry El Azzouzi,
U bent er inderdaad in geslaagd mij een tekst van u te doen lezen. Vermoedelijk voor de laatste maal. U schrijft immers de ene onwaarheid na de andere:

Het is goed zoals het is aan het loket en op school

In het interview dat zaterdag in De Standaard verscheen, bracht Bart De Wever enkele standpunten naar voren waarmee ik het oneens ben en die een ernstige discussie zouden verdienen. Vooreerst heeft hij een visie op de Verlichting die in essentie door Rousseau bepaald is, een figuur die niet echt representatief is binnen die stroming. Daarnaast meent hij ten onrechte, zoals veel anderen, dat onze moraliteit aan het christendom is ontleend en tevens vindt hij dat de 'dood van God' op ethisch vlak een probleem stelt. Die basisideeën brengen hem tot enkele standpunten inzake gemeenschapsdenken tegenover het centraal stellen van het individu; wat dan uitloopt op zijn visies over conservatisme.

De Morgen I OPINIE - 6 februari 2013 
Etienne Vermeersch

Over de vermeende homofobie van Bart De Wever: Vermeersch vs De Wever (Reyers, 2013)

Etienne Vermeersch en Bart De Wever in gesprek (video)

Moraalfilosoof Etienne Vermeersch (UGent) in discussie met politicus Bart De Wever (N-VA):. Over de vermeende homofobie van Bart De Wever, het gesproken versus het geschreven woord, over de neutraliteit van de ambtenaar ('neutraliteit aan het loket'), het belang en de effecten van opvoeding, Verlichtingsfilosofen vs Jean-Jacques Rousseau, ...  Lieven Van Gils modereert het gesprek in Reyers Laat van woensdag 6 februari 2013. © 2013 VRT

Bronnen vooraf aan het TV-gesprek : 

1. ‘De mens is niet goed van nature' — Bart De Wever in De Standaard, 2 februari 2013 — Link: https://www.standaard.be/cnt/dmf20130201_00454147

2. 'Het is goed zoals het is aan het loket en op school' — opinie Etienne Vermeersch (reactie op uitspraken Bart De Wever in De Standaard van 2 februari 2013) — Link: https://www.demorgen.be/nieuws/het-is-goed-zoals-het-is-aan-het-loket-en-op-school~b9777fac/

Etienne Vermeersch: 'Het woord flamingantisme daar houd ik niet zo veel van.'

Etienne Vermeersch (vraaggesprek met Hugo Camps op TV één)

In 2012 interviewde Hugo Camps Etienne Vermeersch voor het programma Tijdgenoten (Lichtpunt).

Etienne Vermeersch: 'In het jezuïetenklooster werd ik psychosomatisch ziek: ik ben van nature een vrijheidsmens', ...'Ik vind passionele liefde gevaarlijk: ik vind dat ik dan mezelf niet meer kan beheersen', ...'Ik ben een man van andere passies: voor muziek, voor wetenschap, ... maar mijn reële passie is rechtvaardigheid', 'Het woord flamingantisme daar houd ik niet zo veel van.'
 

Excuses van Etienne Vermeersch

Etienne Vermeersch

Excuses van Etienne Vermeersch

In het interview in De Morgen (DM 2/6) zei ik dat de 'boerka-nikab' een erger symbool is dan de swastika. De boerka-nikab staat symbool voor een eeuwenlange onderdrukking van de vrouw in de islam; dat is erg. De swastika is symbool van een racistische massamoord: dat is veel erger. Mijn opmerking was dus een blunder. Ik ben er beschaamd over en ik vraag excuus aan mensen die onder het nazibewind geleden hebben. Die blunder dreigt bovendien de aandacht af te leiden van de solide argumenten voor het 'boerkaverbod', waar ik blijf achter staan.

Wel wil ik het volgende opmerken. In een artikel, waarin men ieder woord kan wegen, zou ik zoiets nooit schrijven. Het ging hier echter om een plotse opwelling in een heftige discussie en de vraag over die twee symbolen werd door de interviewer aangebracht. Normaal zou ik bij lectuur achteraf zoiets schrappen, maar door het feit dat de interviewer tevens de opponent was, dacht ik dat zo'n schrapping een gebrek aan fair play tegenover hem zou vormen.

Al meer dan 50 jaar kom ik in de media. In (mondelinge) debatten, interviews e.d. zal ik wel nu en dan een uitschuiver gemaakt hebben. In geschreven teksten kan ik mij geen echte blunder herinneren; wel een paar onjuistheden over feiten.

Ook daarover ben ik beschaamd. Wie lesgever en onderzoeker is, moet in zijn publieke uitingen zo waarheidsgetrouw mogelijk zijn. Ik vermeld dit omdat in de twitter-, facebook, blog- en forumcultuur de kwaliteit van het debat in gedrang dreigt te komen. Scheldwoorden moeten dan ernstige argumenten vervangen. Nochtans speelt het debat, ook het scherpe debat, een belangrijke rol in een democratie. Maar het respect voor de waarheid en de waarden moet hierbij centraal staan.

Daarom pleit ik ervoor dat men bij vergissingen zijn fout erkent en erover beschaamd is. Ikzelf hoop, vooral in interviews, beter op mijn woorden te letten.

Etienne Vermeersch